Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 11

Artikel 28

Uitvaartkosten

Onderdeel van Beleidsregels bijzondere bijstand gemeente Borne 2022

1.. Het college verleent bijzondere bijstand voor uitvaartkosten als: gebleken is dat de erflater geen (dekkende) begrafenisverzekering heeft afgesloten of anderszins een voorziening heeft getroffen, en; de uitvaartkosten niet uit de nalatenschap kunnen worden voldaan, en; de inwoner erfgenaam is of als onderhoudsplichtige op grond van de Wet op de lijkbezorging is aangesproken, en; de inwoner niet beschikt over middelen om zijn aandeel in de uitvaartkosten te voldoen, en; het noodzakelijke kosten betreffen die voorkomen op de prijslijst uitvaartkosten van het Nibud. 2.. Indien noodzakelijk verstrekt het college ook voor de kosten van een verklaring van erfrecht bijzondere bijstand en de kosten niet hoger zijn dan de kosten van een verklaring van erfrecht bij de goedkoopst mogelijke notaris. 3.. Het college kent op de volgende wijze bijzondere bijstand toe voor een volledige uitvaart of voor één of meerdere specifieke kostensoorten: het maximale bedrag voor een volledige crematie is € 6.000,- en voor een volledige begrafenis is dat een bedrag van € 7.000,- (prijzen inclusief BTW, inclusief grafsteen). Bij meerdere erfgenamen, verleent het college niet meer bijzondere bijstand dan het aandeel van de inwoner in de nalatenschap. voor de hoogte van bijzondere bijstand voor één of meerdere specifieke kostensoorten, sluit het college aan bij de richtprijzen van het Nibud. Daarbij geldt dat de bijstand nooit hoger kan zijn dan het deel van de inwoner in de nalatenschap. Tevens geldt dat het totaal aan bijstand nimmer hoger kan zijn dan de onder a genoemde bedragen voor een uitvaart. Kosten die niet op de lijst van het Nibud voorkomen, merkt het college niet aan als noodzakelijke uitvaartkosten en komen niet voor bijzondere bijstand in aanmerking. 4.. Het college kent de bijzondere bijstand toe na indiening van een gespecificeerde factuur. 5.. Het college verstrekt de bijzondere bijstand in de vorm van een lening in de volgende situaties: als blijkt dat de erflater geen verzekering of voorziening heeft getroffen voor de uitvaartkosten en ten tijde van zijn of haar overlijden gehuwd was, is er, tenzij de langstlevende echtgenoot of echtgenote aantoont dat hem of haar daar geen verwijt van kan worden gemaakt, sprake van een tekortschietend besef van verantwoordelijkheid voor de voorziening in het bestaan. als de nalatenschap naar verwachting voldoende groot zal zijn om de uitvaartkosten te betalen, maar inwoner ten tijde van het moment dat de factuur moet worden betaald nog niet beschikt over de nalatenschap.

Rechtspraak bij dit artikel