**a..** De romp heeft een verhouding tussen lengte, breedte en hoogte passend bij het type schip.
**b..** De oorspronkelijke vorm van de romp mag niet worden aangetast.
**c..** De romp mag uitsluitend van metaal zijn.
**d..** De romp heeft een herkenbaar voor- en achterschip, is gezeegd en heeft doorgaande lijnen zonder onderbrekingen.
**e..** De gangboorden moeten rondom vrijgehouden worden.
**f..** De romp is gesloten van karakter en eventuele openingen voor daglicht zijn uit te voeren als patrijspoorten of lichtranden, welke verzonken in de romp aangebracht moeten zijn, met bescheiden afmetingen afgestemd op de maten en lijnen van het schip.
**g..** Het gebruik van patrijspoorten/lichtranden moet worden beperkt tot maximaal 5% voor gebied B en 10% voor gebied C van de oppervlakte van de romp.
**h..** Er mogen geen ramen in de romp aanwezig zijn.
**i..** De romp is het gedeelte van het schip dat voor een deel in het water ligt en is nog meer dan de opbouw een sterk gesloten deel.