Naar hoofdinhoud
Als een gemeente regels over urgentie in de Huisvestingsverordening opneemt, dan moet daarin in ieder geval iets geregeld zijn voor de zogenoemde "wettelijke urgentiecategorieën". Dit zijn: uitstromers uit voorzieningen voor tijdelijke opvang van personen die in verband met problemen van relationele aard of geweld hun woonruimte hebben verlaten. Hierna wordt deze categorie woningzoekenden aangeduid als "slachtoffers huiselijk geweld"; uitstromers uit COA-voorzieningen. Deze uitstromers worden ook wel "statushouders", of in de Huisvestingswet 2014 "vergunninghouders", genoemd; ontvangers of verleners van mantelzorg. Deze wettelijke urgentiecategorieën hebben een plek gekregen in artikel 2.6.6 van de Huisvestingsverordening. Het eerste lid van dat artikel bevat de urgentiegronden voor slachtoffers van huiselijk geweld en verleners en ontvangers van mantelzorg. Het derde lid van dat artikel bevat de urgentiegrond voor vergunninghouders. Dit document bevat geen uitvoeringsregels ten aanzien van de wettelijk verplichte urgentiecategorieën. Hieronder, in de paragrafen 3.1.1 tot en met 3.1.3, zijn geen uitvoeringsregels opgenomen maar uitsluitend een toelichtende tekst op het bepaalde in de verordening.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel