Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3 › Paragraaf 3.8

Artikel 3.8.5

Woningaanpassingen

Onderdeel van Verordening maatschappelijke ondersteuning gemeente Almere 2022

1.. Een woningaanpassing is een ingreep in of aan een woning waardoor deze weer bereikbaar, toegankelijk en bruikbaar is voor de cliënt en de woning hierna geen aantoonbare problemen in het normale gebruik voor cliënt oplevert. Met bereikbaar wordt bedoeld dat de cliënt zonder hulp vanaf de openbare weg tot de toegangsdeur van de woonruimte kan komen. Toegankelijk en doorgankelijk betekent dat de cliënt zonder hulp in de woonruimte kan komen. Met bruikbaar wordt bedoeld dat de cliënt zelfstandig alle binnen de woonruimte gebruikelijke activiteiten kan verrichten, zonder problemen te ondervinden veroorzaakt door de bouwkundige aard van de woning. 2.. Een bouwkundige woonvoorziening bestaande uit een aanbouw aan of een aanzienlijke verbouwing van een woning zal in de vorm van een herplaatsbare losse woonunit worden verstrekt, tenzij daartegen bezwaren van overwegende aard bestaan. Het betreft een vooraf gefabriceerde ruimte, meestal natte tel en slaapkamer, die op de begane grond aan de woning · zelf, of middels een sluis aan de bestaande woning, gebouwd kan worden. Een woonunit kan maximaal twaalf jaar blijven staan. 3.. Een woningaanpassing dient te worden uitgevoerd door een erkend bedrijf met het Bouwgarant keurmerk of vergelijkbaar. 4.. Het college weigert een woningaanpassing als: a.. de woningaanpassing geen adequate oplossing biedt; b.. er recent een aanpassing aan de woonruimte is uitgevoerd die de elementaire functie aantast gerelateerd aan de beperking van de inwoner; c.. de belemmeringen te wijten zijn aan achterstallig onderhoud of het gevolg zijn van de omstandigheid dat de woning niet voldoet aan de voor periodiek onderhoud geldende wettelijke vereisten; d.. de woningaanpassing is bedoeld voor het wegnemen van de effecten van omgevingsfactoren buiten de woning; e.. de noodzaak voor de woningaanpassing het gevolg is van een verhuizing waarvoor geen aanleiding was op grond van beperkingen; f.. de cliënt niet is verhuisd naar de, op grond van de bij verhuizing aanwezig of redelijkerwijs voorziene beperkingen, op dat moment beschikbare meest geschikte woning, tenzij daarvoor tevoren schriftelijk toestemming is verleend oor het college; g.. er in de verlaten woonruimte geen problemen met het normale gebruik van de woning zijn ondervonden; h.. aanpassingen nodig zijn die zonder noemenswaardige meerkosten bij de bouw of renovatie van de woning hadden kunnen worden meegenomen; i.. de technische levensduur van de woonruimte kleiner dan vijf jaar is of binnen vijf jaar verlaten moet worden door de inwoner; j.. deze niet past bij het karakter van de woonruimte. 5.. Bij het overbruggen van hoogteverschillen bij het verplaatsen binnenshuis kan het installeren van meer dan één traplift een niet- adequate oplossing zijn. Uitgangspunt voor toekenning van de voorziening is dezelfde als bij de afweging aanpassen/verhuizen. Er worden geen trapliften geplaatst in gemeenschappelijke trapportalen.

Rechtspraak bij dit artikel