**1..** De omvang van het persoonsgebonden budget bedraagt niet meer dan de kosten van de best passende voorziening in natura.
**2..** In aanvulling op artikel 5.1.2 lid 1 van deze verordening, geldt dat als de naturaverstrekking een tweedehands voorziening betreft, het college de kostprijs daarop baseert. De looptijd is gelijk aan de verkorte termijn waarin het goed, technisch is afgeschreven. Hierbij wordt rekening gehouden met onderhoud en verzekering. Als de naturaverstrekking een nieuwe voorziening betreft, baseert het college de kostprijs daarop, rekening houdend met een eventueel door de gemeente te ontvangen korting en rekening houdend met onderhoud en verzekering, keuring en reparatie.
**3..** Het persoonsgebonden budget voor onderhoud en verzekering, keuring en reparatie wordt passend en toereikend geacht en wordt per jaar verstrekt:
**a..** voor de duur van de technische afschrijving, of;
**b..** tot en met het jaar waarin de pgb-houder overlijdt, of;
**c..** totdat de voorziening waarvoor een persoonsgebonden budget is verstrekt, verloren is gegaan en dit de cliënt niet valt aan te rekenen of valt te verhalen op de afgesloten verzekering, of:
**d..** totdat de voorziening waarvoor een persoonsgebonden budget is verstrekt niet langer een oplossing biedt voor de behoefte van de inwoner aan maatschappelijke ondersteuning.
**4..** Ten behoeve van het bepalen van de hoogte van het persoonsgebonden budget, baseert het college, indien er geen vergelijkbare maatwerkvoorziening in natura kan worden verstrekt, de hoogte op basis van de geldende goedkoopste adequate offerte. Hiertoe vraagt de cliënt op basis van het door het college opgestelde programma van eisen dat is gebaseerd op het persoonlijk ondersteuningsplan, minimaal twee gespecificeerde offertes aan. Ook kan het college zelf een gelijkwaardige offerte opvragen. Het college accepteert de goedkoopste adequate offerte. Dit betekent dat een te verstrekken voorziening allereerst adequaat dient te zijn. Zijn er twee of meer maatwerkvoorzieningen adequaat, dan kiest het college de goedkoopste maatwerkvoorziening.
Hoofdstuk 5 › Paragraaf 5.3
Artikel 5.3.2
Hoogte van een pgb voor maatwerk in de vorm van een goed
Onderdeel van Verordening maatschappelijke ondersteuning gemeente Almere 2022