(Gelet op artikel 7.4 lid 9 en artikel 10.2 lid 4 Wmo-verordening 2022)
Als uitwerking op 7.4 lid 9 van de Wmo-verordening 2022, geldt dat de gecontracteerde aanbieder:
beschikt over vakbekwame medewerkers die beschikken over kwalificaties en/of opleidingen die passend zijn bij hun werkzaamheden;
biedt de in het kader van de geboden voorziening aangewezen beroepskracht passende scholing en heeft een opleidingsbeleid;
heeft binnen zijn organisatie structuren waarbij casuïstiek en kennis delen centraal staat;
zorgt dat medewerkers op de hoogte zijn van geldende protocollen en richtlijnen en dat zij daarnaar handelen;
heeft een vrijwilligers/stagebeleid, indien de aanbieder hier gebruik van maakt; waarin de volgende aspecten naar voren komen:
de vrijwilliger overlegt een Verklaring omtrent Gedrag (VOG) niet ouder dan 3 maanden voorafgaand aan de start van het vrijwilligerswerk; deze VOG is maximaal 4 jaar geldig;
de wijze waarop de instelling vrijwilligers inzet (type werkzaamheden);
de wijze waarop de instelling zorg draagt dat vrijwilligers worden opgeleid en ondersteund bij het uitvoeren van de werkzaamheden;
zorgt dat de inzet van niet professionele werkers plaatsvindt onder de verantwoordelijkheid van een professioneel medewerker en dat de niet-professionele inzet altijd in redelijke verhouding is met de professionele inzet;
zorgt op basis van signalen van cliënten en van cliënt- en medewerker tevredenheidsonderzoeken aantoonbaar voor kwaliteitsverbeteringen;
heeft passend beleid ontwikkeld, reflecteert op dit beleid, evalueert en stelt bij op het punt van personeelsbeleid, opleiding en scholing en de melding van huiselijk geweld en kindermishandeling;
kent continuïteit in medewerkers en draagt zorg voor continuïteit van de ondersteuning in geval van bijvoorbeeld ziekte en vakantie. Deze continuïteit zal de aanbieder vormgeven in overleg met de gemeente Almere en met inachtneming van de eisen die de gemeente Almere aan de ondersteuning stelt;
zorgt dat medewerkers die beroepsmatig in contact komen met cliënten, beschikken over een Verklaring Omtrent het Gedrag (VOG), die niet ouder is dan 3 maanden voorafgaand aan de ingangsdatum van de ondersteuning. Deze VOG is maximaal 4 jaar geldig.
Hoofdstuk 5
Artikel 5.6
Nadere regels ten aanzien van verstrekking van de maatwerkvoorziening volgens de op de beroepskracht rustende verantwoordelijkheid op basis van de professionele standaard
Onderdeel van Nadere regels (maatwerk) voorzieningen in het kader van de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015