Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 5 › Paragraaf 5.2

Artikel 5.2.8

Levensgedrag van de ondernemer en leidinggevenden

Onderdeel van Horecabeleid gemeente Wijk bij Duurstede

De ondernemer(s) en leidinggevenden van een openbare inrichting hebben een bijzondere verantwoordelijkheid. De manier waarop de exploitatie plaatsvindt kan een verstoring van de openbare orde mogelijk maken of een nadelige beïnvloeding hebben voor het omliggende woon- en leefklimaat. De verantwoordelijkheid voor het exploiteren van een openbare inrichting brengt met zich mee dat de gemeente concrete eisen stelt. Van leidinggevenden die zelf strafbare feiten hebben gepleegd is het namelijk de vraag of zij voldoende in staat zijn om klanten aan te spreken op de naleving van bepaalde normen en waarden. Bij de inhoudelijke beoordeling van eventuele antecedenten kijken we naar: Het aantal strafbare feiten; wanneer de feiten zijn gepleegd en of de betrokken persoon voor deze strafbare feiten binnen de laatste 5 jaar meer dan één keer onherroepelijk is veroordeeld. Omdat de APV niet in het Besluit justitiële gegevens is opgenomen, betekent het dat de burgemeester hiervoor geen gegevens uit het justitiële documentatieregister kan opvragen in het kader van een horeca-exploitatievergunning. Voor de beoordeling van het levensgedrag van personen in een alcoholvrij bedrijf kan uitsluitend informatie worden gevraagd die eventueel bekend zijn in de Politieregisters. Het opvragen van informatie vindt dan plaats op grond van de Wet politiegegevens. Een andere optie is om van een ondernemer en leidinggevenden een Verklaring Omtrent het Gedrag (VOG) te vragen. Dit moet echter wel in de APV staan om het als onderdeel van de procedure toe te passen. Dit is niet het geval in de APV van de gemeente Wijk bij Duurstede.

Rechtspraak bij dit artikel