Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3. › Paragraaf 2

Artikel 16.

Handhaving van de orde

Onderdeel van Reglement van Orde voor de Politieke Avond en Raadsvergaderingen van de gemeente Dijk en Waard 2022

1.. Een ieder neemt tijdens de raadsvergadering de voor hem of haar bestemde plaats in. Bij een tafel zijn er geen bestemde zitplaatsen. 2.. Aanwijzingen die door de voorzitter worden gegeven, dienen te worden opgevolgd. 3.. Het blijkgeven van tekenen van goed- of afkeuring door toehoorders of pers of het op een andere wijze verstoren van de orde is hen verboden. 4.. De voorzitter is bevoegd, wanneer de orde in de vergadering op enigerlei wijze door toehoorders wordt verstoord, hen uit de vergadering te laten vertrekken. 5.. De voorzitter bepaalt of het tijdens de vergadering is toegestaan dat deelnemers van de vergadering bepaalde uitingsvormen kunnen doen. 6.. De voorzitter roept sprekers tot de orde als zij zich, naar het oordeel van de voorzitter, in beledigende of onbetamelijke uitdrukkingen uitlaten, afwijken van het in behandeling zijnde onderwerp, andere sprekers herhaaldelijk interrumperen, dan wel anderszins de orde verstoren. 5.. Sprekers die hieraan geen gevolg geven, kunnen door hem het woord ontnomen worden over het onderwerp van bespreking. 7.. De voorzitter van een tafel kan, gehoord hebbende de vergadering, besluiten een raadslid of fractievertegenwoordiger, dat door zijn gedragingen de geregelde gang van zaken belemmert, het verdere verblijf in de vergadering te ontzeggen. Het raadslid of fractievertegenwoordiger verlaat hierop onmiddellijk de vergadering. Zo nodig doet de voorzitter hem verwijderen. Bij herhaling van zijn gedrag kan het raadslid of fractievertegenwoordiger bovendien voor ten hoogste drie maanden de toegang tot de vergadering worden ontzegd. 8.. De voorzitter kan ter handhaving van de orde de vergadering voor een door hem te bepalen tijd schorsen en, als na de heropening de orde opnieuw wordt verstoord, de vergadering sluiten.

Rechtspraak bij dit artikel