Het college van burgemeester en wethouders verleent, als de daartoe bestemde ruimte van
de begraafplaats(en) dit toelaat, op een daartoe bij hen schriftelijk in te dienen aanvraag,
voor onbepaalde tijd het recht op een particulier graf. De termijn begint te lopen op de
datum waarop het particulier graf is uitgegeven.
In afwijking van het eerste lid verleent het college van burgemeester en wethouders op een
daartoe schriftelijk in te dienen aanvraag voor de tijd van vijf jaar het recht op een particulier
urnennis. De termijn begint te lopen op de datum waarop de particuliere urnennis is
uitgegeven en kan telkens met een termijn van vijf jaar worden verlengd, mits de aanvraag
daartoe voor het verstrijken van de lopende termijn wordt ingediend.
Binnen een jaar na beëindiging van het recht als bedoeld in het tweede lid, wordt door de
rechthebbende aan de in de particuliere urnennis geplaatste urn een andere bestemming
gegeven. Na afloop van dit jaar kunnen burgemeester en wethouders de urn verwijderen uit
de urnennis en daaraan een jaar na de verwijdering een definitieve bestemming geven door
middel van verstrooiing van de as. De verwijdering vindt niet eerder plaats dan het moment
waarop de rechthebbende tijdig en behoorlijk per brief is opgeroepen om te worden
ingelicht over het voornemen tot verwijdering. Ingeval de rechten bedoeld in het tweede lid
zijn verlengd tot een periode van dertig jaar vindt na deze periode geen verwijdering plaats.
Een recht als bedoeld in dit artikel, kan slechts aan een rechthebbende worden verleend ten
behoeve van zichzelf en voor de personen genoemd in artikel 18, eerste lid.
Hoofdstuk 4
Artikel 16
Termijnen particuliere graven/particuliere urnengraven en particuliere urnennissen
Onderdeel van Verordening op het beheer en het gebruik van de gemeentelijke begraafplaatsen gemeente Nunspeet