Als aangegeven is na de afschaffing van de WOR in BO de beleidsnota kleinschalig kamperen van kracht geworden. Hierin staat dat kleinschalig kampeerterreinen:
zijn toegestaan op erven van agrarische bedrijven in het buitengebied;
in aantal in het zandgedeelte niet meer bedragen dan het toenmalige (2008) aantal van 14 terreinen. In het veen en Hunzedal geldt hiervoor geen beperking;
maximaal 25 plekken mogen aanbieden;
dienen te grenzen aan de woning van de eigenaar/beheerder;
een perceeloppervlakte van minimaal 5.000 m² dienen te omvatten;
maximaal 5.000 m² dienen te omvatten voor de inrichting van het feitelijk kampeerterrein. (Dit met het oog op een zekere concentratie van kampeermiddelen);
op minimaal 50m afstand gesitueerd dienen te zijn tot aan omliggende woningen en/of andere geluidsgevoelige bebouwing;
niet gesitueerd dienen te zijn binnen een afstand van 500m van een ander kampeerterrein;
voorzien dienen te zijn van sanitaire voorzieningen in bestaande bebouwing;
niet mogen worden gebruikt voor chalets, trekkershutten en stacaravans;
gesloten moeten zijn van 1 november tot 1 maart;
Duidelijk is dat aan het starten van een kleinschalig kampeerterrein veel voorwaarden zijn verbonden. Met name de conditie gerelateerd aan de maatvoering zorgen er voor het aantal kleinschalige kampeerterreinen in de gemeente beperkt is gebleven.