Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 2.

Artikel 4.

Bruto en netto vorderingen

Onderdeel van Beleidsregel terug- en invordering Participatiewet, IOAW en IOAZ gemeente Ede 2022

1.. Het college maakt altijd gebruik van haar bevoegdheid tot brutering van de vordering voor zover de belasting en premies niet meer verrekend kunnen worden met de af te dragen loonbelastingen en premies volksverzekeringen. Na afloop van het lopende kalenderjaar wordt de uitkering gebruteerd teruggevorderd en wordt een reeds gedane terugvordering verhoogd met de brutering. 2.. Het college vordert ten onrechte verstrekte uitkering netto terug als: de ten onrechte betaalde belastingen en premies nog kunnen worden verrekend met de afdrachten aan de Belastingdienst en het UWV; de vordering betrekking heeft op het lopende boekjaar en belanghebbende de vordering voldoet vóór het eind van het boekjaar; terugvordering plaatsvindt als gevolg van een administratieve fout en belanghebbende redelijkerwijs kon weten dat hij teveel uitkering ontving; de reden van terugvordering in de loop van het kalenderjaar is ontstaan en het college heeft nagelaten belanghebbende hiervan tijdig in kennis te stellen, waardoor deze niet meer in staat was de vordering binnen het kalenderjaar terug te betalen. Dan wordt de vordering het kalenderjaar daarna gebruteerd; naar de mening van het college de brutering onevenredig en/of onrechtvaardig voor belanghebbende uitwerkt; of indien de vordering is ontstaan buiten toedoen van belanghebbende en hem niet kan worden verweten dat de betaling van de vordering niet reeds is voldaan in het kalenderjaar waarop deze betrekking heeft.

Rechtspraak bij dit artikel