De voorzitter vraagt de raadsleden of zij stemming verlangen. Is dit niet het geval dan stelt de voorzitter vast dat het voorstel zonder stemming is aangenomen.
Als een voorstel zonder stemming wordt aangenomen kunnen de in de raadsvergadering aanwezige raadsleden aantekening in het verslag vragen, dat zij geacht willen worden te hebben tegengestemd of overeenkomstig artikel 28 van de wet niet aan de stemming te hebben deelgenomen.
De stemming geschiedt via een stemapplicatie.
Een raadslid dat zich bij het uitbrengen van zijn stem vergist, kan deze vergissing herstellen voordat de uitslag van de stemming door de voorzitter is medegedeeld. Bemerkt het raadslid zijn vergissing pas later, dan kan deze nadat de voorzitter de uitslag van de stemming bekend heeft gemaakt, aantekening vragen van zijn vergissing. Dit brengt geen verandering in de uitslag van de stemming.
Indien door technische redenen een raadslid onverhoopt niet in staat is geweest zijn stem uit te brengen, mag hij zijn stem mondeling uitbrengen. De griffie voert zijn stem in.
De voorzitter deelt de uitslag na afloop van de stemming mee. Deze doet daarbij tevens mededeling van het genomen besluit.
Wanneer geen gebruik kan worden gemaakt van de stemapplicatie, vindt een hoofdelijke stemming plaats waarbij de voorzitter de raadsleden bij naam oproept hun stem uit te brengen. De stemming begint in dat geval bij het raadslid die door het lot is aangewezen als bedoeld in artikel 17, tweede lid, en verloopt verder op alfabetische volgorde.
Hoofdstuk 2 › Paragraaf 3:
Artikel 27
Stemming; procedure hoofdelijke stemming
Onderdeel van Reglement van orde voor vergaderingen en andere werkzaamheden van de raad Sliedrecht 2022