**1..** In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990 moet een aanslag uiterlijk drie maanden na dagtekening van het aanslagbiljet betaald zijn.
**2a.** In afwijking van het eerste lid moet bij een automatische betalingsincasso, mogelijk bij een aanslagbedrag vanaf € 30 tot € 5000, de aanslag betaald worden in zoveel gelijke termijnen als nog resteren in het lopende belastingjaar. Het aantal termijnen bedraagt ten minste drie en ten hoogste tien maanden. De eerste termijn vervalt op de 25e dag van de maand na de dagtekening van het aanslagbiljet. De volgende termijnen telkens een maand later tot maximaal het eind van het jaar.
**2b..** In afwijking van het eerste lid kan op verzoek bij een aanslagbedrag minder dan € 30 en meer dan € 5000, betaald worden door middel van automatische betalingsincasso. Het aantal incasso termijnen is dan maximaal drie termijnen. De eerste termijn vervalt op de 25e dag van de maand na de dagtekening van het aanslagbiljet en de volgende termijnen telkens een maand later tot maximaal het eind van het belastingjaar.
**3..** De in artikel 6 tweede lid bedoelde gedagtekende kennisgevingen moeten worden betaald:
ingeval van uitreiking van de kennisgeving: op het tijdstip van uitreiking;
ingeval van toezending van de kennisgeving: binnen veertien dagen na de dagtekening.
**4..** De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in de voorgaande leden gestelde termijnen.
Artikel 8
Termijnen van betaling
Onderdeel van Verordening op de heffing en de invordering van afvalstoffenheffing 2023 Olst-Wijhe