Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk

Artikel 4.3

Beoordeling aanvragen tot het snoeien of verwijderen van gemeentelijke bomen

Onderdeel van Kadernota Beheer en Overlast van Bomen

Bij beoordeling van een verzoek in verband met overlast worden de volgende stappen doorlopen: Uitgangspunten Bomen worden niet gerooid omdat bomen bewust zijn geplaatst. Bij gemeentelijke bomen wordt alleen bij gevaar of ernstige schade overwogen om tot kap over te gaan (zie kadernota veiligheid). De blijvende kroon kan zich in zijn natuurlijke vorm ontwikkelen (Bomen worden dus niet getopt). De boomstructuur (bomenrijen) blijven in stand. Het verwijderen van de boom wordt getoetst aan de Flora & Faunawet. Mocht de boom een belangrijke rol spelen voor een beschermde soort plant of dier, dan kan het plan worden aangepast, of mogelijk kan in de directe omgeving compensatie worden aangeboden. Als dit niet mogelijk is, dan zal de boom moeten blijven staan. Vervolg Als door een boom geen onrechtmatige hinder wordt ervaren zal de boom niet verwijderd worden. Als wel onrechtmatige hinder het geval is wordt eerst gekeken naar alternatieve oplossingen voordat over wordt gegaan tot kap (opruimen en schoonmaken, snoei, etc). De rol van de gemeente is verder uitgewerkt per vorm van overlast (bijlage 1). Uitzonderingen In afwijking op de uitgangspunten kan een boom gerooid worden als: hij voor dunning in aanmerking komt. Onder dunnen verstaat de wet: een velling die uitsluitend als een verzorgingsregel ter bevordering van de groei van de overblijvende houtopstand beschouwd moeten worden (art.1. lid 1 boswet). Als een boom overlast geeft en een slechte kwaliteit heeft. Deze boom kan op basis van kwaliteit in aanmerking komen om vervangen te worden. Indien de boom dichter dan twee meter van de erfgrens staat en geen (straat) wegbeplanting is of een beeldbepalende waarde heeft (ruimtelijke invloed, opvallend / indrukwekkend, accentuering stads- of dorpsstructuur herkenbaarheid, oriëntatie, leefbaarheid).

Rechtspraak bij dit artikel