Naar hoofdinhoud

Artikel 8

Restitutie van betaalde havengelden

Onderdeel van Verordening op de heffing en de invordering van haven- en kadegeld

1.. Indien havengeld bij wijze van jaarabonnement wordt geheven, wordt geen teruggaaf verleend van havengeld, hetwelk in het jaar, waarvoor het abonnement is of wordt verleend, reeds anders dan bij wijze van abonnement mocht zijn geheven; evenmin heeft verrekening daarmede plaats. 2.. Indien havengeld wordt geheven bij wijze van jaarabonnement, als bedoeld in artikel 1, lid 1, onderdelen b, c, d en e en lid 2, onderdeel d van de tarieventabel en in de loop van dat jaar schriftelijk aan de heffingsambtenaar wordt medegedeeld, dat men voor de nog niet aangebroken maanden van het abonnement geen gebruik meer wil maken, wordt tegen intrekking van het abonnement restitutie verleend. De restitutie beloopt zoveel twaalfde delen van het verschuldigde bedrag voor het jaarabonnement als er na de intrekking nog volle kalendermaanden in de abonnementsperiode resteren. Restitutie welke minder beloopt dan 50 % van het bedrag dat voor de volledige abonnementsperiode verschuldigd is, wordt niet verleend. De periode waarover de restitutie kan worden verleend vangt aan op de datum van ontvangst van het schriftelijke verzoek tot beëindiging van het abonnement. 3.. Bij koop of verkoop van een pleziervaartuig dient dit terstond te worden doorgegeven aan de gemeente c.q. de havenmeester. De ligplaats van het onderhavig vaartuig is uitdrukkelijk niet aan de koop of verkoop gekoppeld. 4.. Wanneer in de loop van het jaar wordt veranderd van ligplaats, wordt een evenredig deel over elke ligplaats in rekening gebracht.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel