In deze verordening wordt verstaan onder:
Jachthaven: Voor de openbare dienst bestemde wateren alsmede kaden, wallen en steigers die bij de gemeente in beheer of in onderhoud zijn en als jachthaven zijn benoemd;
Vaartuig: een drijvend lichaam dat wegens zijn drijfvermogen wordt gebezigd dan wel bestemd of geschikt is voor het vervoer te water van personen en/of goederen of vervoeren van al dan niet met het drijvende lichaam één geheel uitmakende voorwerpen;
ligplaats jachthaven: een gedeelte van het als jachthaven aangewezen gebied , bestemd of geschikt om door een vaartuig te worden ingenomen;
zomerseizoen: de periode van 1 mei tot en met 30 september;
winterseizoen: de periode van 1 oktober tot en met 30 april;
dag: een aaneengesloten periode van 24 uur;
week: een aaneengesloten periode van 7 dagen
maand: een aaneengesloten periode van 30 dagen;
jaar: een kalenderjaar.