Kortdurend verblijf is bedoeld ter ontlasting van de mantelzorger (maar ook van huisgenoten die gebruikelijke hulp leveren). Het zwaartepunt ligt bij kortdurend verblijf vooral op het logeren ergens anders met als beoogd resultaat het overnemen van het intensieve toezicht op de inwoner ter ontlasting van de gebruikelijke hulp of mantelzorg. Het kortdurend verblijf is dus te karakteriseren als logeren ter aanvulling op het wonen in de thuissituatie.
Het doel van de 'time-out' is preventie en meerledig. De inzet is erop gericht om te voorkomen dat de mantelzorger overbelast raakt en zelf gezondheidsproblemen krijgt. Voor de zorgvrager kan inzet van zwaardere zorgvormen worden uitgesteld of voorkomen. Positief neveneffect is dat de cliënt laagdrempelig kennis kan maken met het verblijven in een intramurale verblijfssetting.
Kortdurend verblijf is geen oplossing voor crisissituaties, verblijf voor een medisch herstel (de Eerstelijns Verblijf (ELV) uit de Zvw) of overbruggingszorg naar bijvoorbeeld de Wlz.
Criteria
De inwoner komt in aanmerking voor kortdurend verblijf als hij voldoet aan alle hieronder genoemde voorwaarden:
De inwoner heeft bijvoorbeeld een somatische, psychiatrische, psycho-geriatrische beperking of een verstandelijke, lichamelijke of zintuiglijke beperking;
De inwoner is gedurende maximaal twee etmalen per week aangewezen op kortdurend verblijf. Het is mogelijk om etmalen te sparen, zodat een inwoner bijvoorbeeld in verband met vakantie meer etmalen per week af kan nemen. De maximale aaneengesloten periode kortdurend verblijf is 28 dagen Wel geldt dat het maximum aantal etmalen per jaar 52 bedraagt. Het meenemen naar een volgend kalenderjaar is niet mogelijk.;
De ontlasting van de persoon die gebruikelijke hulp of mantelzorg aan de inwoner levert, is noodzakelijk;
De inwoner is, gezien de ondersteunings- en zorgbehoefte, aangewezen op ondersteuning gepaard gaand met intensief toezicht;
De inwoner kan geen beroep doen op de Wet langdurige zorg of zijn aanvullende zorgverzekering.
Bij kortdurend verblijf kan een indicatie voor vervoer gegeven worden. Dat kan alleen als de inwoner niet zelfstandig, met behulp van het netwerk of met behulp van een algemene voorziening zich van de woning van de inwoner naar de locatie voor kortdurend verblijf kan verplaatsen.
Hoofdstuk 4.
Artikel 4.4.1
Kortdurend verblijf
Onderdeel van Nadere regels Maatschappelijke Ondersteuning Meierijstad 2023