Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk III

Artikel 16.

Ontstaan van de belastingschuld en de heffing naar tijdsgelang voor het jaarlijks verschuldigde recht

Onderdeel van Verordening op de heffing en de invordering van afvalstoffenheffing en reinigingsrechten gemeente Land van Cuijk 2023

1.. Het recht is verschuldigd bij het begin van het belastingjaar of, zo dit later is, bij de aanvang van de belastingplicht; 2.. Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar aanvangt, is de belasting verschuldigd voor zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat jaar verschuldigde belasting als er in dat jaar, na de aanvang van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden overblijven; 3.. Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar eindigt, bestaat aanspraak op ontheffing voor zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat jaar verschuldigde belasting als er in dat jaar, na het einde van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden overblijven, tenzij het bedrag van de ontheffing minder bedraagt dan € 10,00; 4.. Het tweede en het derde lid zijn niet van toepassing indien de belastingplichtige binnen de gemeente verhuist en aldaar een ander bedrijfspand in feitelijk gebruik neemt; 5.. Belastingbedragen van minder dan € 10,00 worden niet geheven of ingevorderd; 6.. Voor de toepassing van het bepaalde in het vijfde lid wordt het totaal van de op één aanslagbiljet verenigde bedragen reinigingsrecht of andere heffingen aangemerkt als één belastingbedrag.

Rechtspraak bij dit artikel