**1..** De commissie onderzoekt de geloofsbrieven van de door de voorzitter van het centraal stembureau benoemd verklaarde kandidaat-raadsleden en de daarbij behorende stukken, alsmede de eventuele stukken die de raad heeft ontvangen met betrekking tot de toelating van deze kandidaten, conform artikel V4 Kieswet en artikelen 10, 11, 12, en 13 van de Gemeentewet.
**2..** De commissie adviseert de raad ten aanzien van de toelaatbaarheid van nieuwe leden van de raad.
**3..** De commissie onderzoekt conform artikel V4 van de Kieswet het verloop van de gemeenteraadsverkiezingen op basis van het proces-verbaal van het centraal stembureau en spreekt naar de raad een advies uit over de geldigheid van de gemeenteraadsverkiezingen.
**4..** De commissie onderzoekt de geloofsbrieven van kandidaat-wethouders en de daarbij behorende stukken en toetst of de kandidaat-wethouder voldoet aan de wettelijke vereisten, conform het gestelde in de artikelen 36a en 36b en van de Gemeentewet.
**5..** De kandidaat-wethouder overlegt op verzoek van de commissie een verklaring omtrent het gedrag als bedoeld in artikel 28 van de Wet justitiële en strafvorderlijke gegevens.
**6..** De commissie brengt vervolgens advies uit aan de raad over de benoeming tot wethouder.
**7..** De burgemeester kan voor de aanvang van iedere ambtstermijn opdracht geven om de kandidaat-wethouders aan een risicoanalyse integriteit te onderwerpen. De burgemeester brengt over het eindresultaat daarvan verslag uit aan de raad.
**8..** In het geval dat de commissie moet beslissen inzake geschillen die met betrekking tot de geloofsbrieven of de verkiezing zelf rijzen en de stemmen staken, is de stem van de voorzitter doorslaggevend.
**9..** De commissie adviseert op zijn verzoek de burgemeester inzake integriteitsmeldingen die conform het betreffende meldingenprotocol bij de burgemeester in behandeling zijn
**10..** Indien de commissie niet unaniem is in haar oordeel of de stemming, dan wordt hiervan melding gemaakt in het advies. Dit advies is openbaar tenzij het naar oordeel van de commissie in strijd is met het recht op privacy of anderszins op een onredelijke wijze de belangen van de kandidaat, de gemeente of derden schaadt.
**11..** De commissie kan uit eigen beweging advies uitbrengen aan het raadspresidium en de raad over onderwerpen die op haar werkterrein liggen.
Hoofdstuk II
Artikel 2:
bevoegdheden van de commissie
Onderdeel van Verordening op de commissie geloofsbrieven