Naar hoofdinhoud

Artikel 6

belastingtarieven

Onderdeel van VERORDENING RETRIBUTIE EN PRECARIOBELASTING 2023

Wegens het gebruik van voor de openbare dienst bestemde gemeentewerken, bezittingen of inrichtingen en wegens het hebben van de navolgende goederen/zaken of voorwerpen onder, op of boven de openbare dienst bestemde gemeentegrond of voor de openbare dienst bestemd gemeentewater, wordt een recht geheven als volgt: 1.. Benzine- en andere pompinstallaties, putten, tanks en toebehoren: a.. voor een benzine- of pompinstallatie met inbegrip van leidingentank en vulput, per jaar € 56,40. b.. Voor een vul- of aftapput, met inbegrip van leidingen per jaar € 19,10. c.. Voor een tank van 6.000 liter inhoud of minder, met inhoud van leidingen en vul put, per jaar € 38,70 voor elke 1.000 liter inhoud of gedeelte daarvan per jaar € 7,60 met een maximum van € 56,40. 2.. Het uitstallen van waren voor het –niet ter gelegenheid van de kermis- uitstallen van waren en het innemen van een standplaats met een kraam, wagen, fiets, mand of dergelijk voorwerp tot verkoop van waren per m2 per week of gedeelte daarvan € 0,25 per maand € 0,80 euro per jaar € 7,60. 3.. In- of uitritten benzinepompen: a.. Voor een in- of uitrit of verlaagd trottoir ten behoeve van ten hoogste drie benzine en/of andere aftappunten per jaar € 150,70. b.. voor een in- of uitrit of verlaagd trottoir ten behoeve van méér dan drie benzine en/of andere aftappunten, per jaar € 302,40. c.. Het recht genoemd onder a. en b. wordt niet geheven, indien de aftappunten uitsluitend worden gebezigd voor eigen gebruik, mits de eigenaar en/of de gebruiker gedoogt, dat bij de aftappunten vanwege en op kosten van de gemeente het opschrift “uitsluitend voor eigen gebruik” wordt aangebracht. Onder in- of uitrit wordt verstaan: elk ten dienst van het perceel of erf met het oog op het rijverkeer speciaal aangebrachte verandering of versterking in de bedekking van de openbare grond.

Rechtspraak bij dit artikel