Op grond van artikel 3, derde lid, van de verordening worden de volgende inzamelmiddelen en inzamelvoorzieningen aangewezen:
voor restafval van huishoudens: een mini- of rolcontainer (80, 140 liter, 180 of 240 liter) voor de gebruiker van een perceel, en een verzamelcontainer (inpandig, uitpandig boven- of ondergronds) voor de gebruikers van een aantal percelen;
voor groente-, fruit- en tuinafval van huishoudens: een mini- of rolcontainer (80, 140 liter, 180 of 240 liter) voor de gebruiker van een perceel, en een verzamelcontainer (boven- of ondergronds) voor de gebruikers van een aantal percelen;
voor oud papier en karton van huishoudens: een mini- of rolcontainer (80, 140 liter, 180 of 240 liter) op vrijwillige basis voor de gebruiker van een perceel, en (zo mogelijk) een verzamelcontainer voor de gebruikers van een aantal percelen;
voor glas: de verzamelcontainers op wijkniveau;
voor textiel: de verzamelcontainers op wijkniveau;
voor plastic verpakkingen, metalen verpakkingen en drinkpakken: inzameling bij het restafval;
voor (gescheiden) grof huishoudelijk afval en KCA: de milieustraat (brengdepot) van De Meerlanden Holding NV aan de Aarbergerweg in Rijsenhout.
Artikel 4