**1..** De voor- en vroegschool maken gezamenlijk een beleidskader zoals beschreven onder 4. van de organisatorische randvoorwaarden en sturen een kopie hiervan naar de gemeente.
**2..** Ouders geven toestemming voor deelname van hun kind in een peuter-kleutergroep.
**3..** Minimumleeftijd voor het instromen is 3 jaar en 6 maanden. Maximumleeftijd voor de uitstroom is 5 jaar. Daarbij wordt altijd gekeken naar de ontwikkelleeftijd en behoefte van het kind.
**4..** De groep bestaat - conform de Wet Kinderopvang - uit maximaal 16 kinderen.
**5..** Op de peuter-kleutergroep staat minimaal één onderwijsprofessional en één professional van de kinderopvang. De onderwijsprofessional heeft als specialisatie ‘het jonge kind’, de pedagogisch medewerker is VVE-gecertificeerd.
**6..** Er wordt gewerkt aan de doorgaande lijn naar de reguliere groep 1: wat heeft dit kind nodig om goed te kunnen starten in groep 1.
**7..** De ontwikkeling van kinderen in de peuter- en kleutergroep wordt intensief gevolgd en besproken en het aanbod wordt afgestemd op hun ontwikkeling en eventuele ondersteuningsbehoefte.
**8..** Een peuter kan binnen een redelijke termijn terug naar een reguliere stamgroep in de opvang, als blijkt dat de peuter-kleutergroep niet passend is.
**9..** De doelstellingen en de (afspraken over) de werkwijze en samenwerking worden door de voor- en vroegschool gezamenlijk geëvalueerd. De resultaten worden teruggekoppeld naar de gemeente.
**10..** IKC’s dienen medewerking te verlenen aan evaluaties, effectmetingen en kennisuitwisseling van de pilot wanneer hen dat gevraagd wordt.
Artikel 3
Eisen aan de peuter-kleutergroepen
Onderdeel van Beleidsregels Kader: Minimale vereisten peuter-kleutergroepen