Peildatum
De peildatum is de datum waartegen een persoon individuele inkomenstoeslag aanvraagt (artikel 1 van de verordening). Het gaat om de datum waarop een persoon langdurig een laag inkomen heeft, geen in aanmerking te nemen vermogen heeft als bedoeld in artikel 34 van de Participatiewet en, gelet op de omstandigheden van die persoon, geen uitzicht op inkomensverbetering heeft. De peildatum komt meestal overeen met de meldingsdatum. De peildatum kan in beginsel niet liggen vóór de dag waarop een persoon zich heeft gemeld om individuele inkomenstoeslag aan te vragen, tenzij sprake is van bijzondere omstandigheden. Dit volgt uit artikel 44, eerste lid, van de Participatiewet en de jurisprudentie rondom artikel 44 van de Participatiewet.
Referteperiode
Onder de referteperiode wordt verstaan: een periode van 36 maanden voorafgaand aan de peildatum. In aanvulling op de verordening geldt dat bij het bepalen van de referteperiode wordt uitgegaan van de periode waarin de inwoner in Nederland woonachtig is en een laag inkomen en vermogen heeft.
Inkomens- en vermogenstoets
Volgens de ‘verordening individuele inkomenstoeslag Participatiewet 2015 gemeente Koggenland’ kan er gesteld worden dat om in aanmerking te komen het aanwezige inkomen niet meer mag bedragen dan 110% van de voor die persoon geldende bijstandsnorm en dat er geen sprake mag zijn van vermogen boven het vrij te laten vermogen, zoals genoemd in artikel 34 van de Participatiewet. Mocht het vermogen boven het vrij te laten vermogen uitkomen en/of het inkomen boven de 110% van de van toepassing zijnde bijstandsnorm, moet de aanvraag van een individuele inkomenstoeslag worden afgewezen.
Eén of meerdere niet-rechthebbende gezinsleden
Als één van de gehuwden is uitgesloten van het recht op individuele inkomenstoeslag als gevolg van de artikelen 11 of 13, eerste lid, van de Participatiewet, komt de rechthebbende echtgenoot in aanmerking voor een individuele inkomenstoeslag naar de hoogte die voor hem als alleenstaande of alleenstaande ouder zou gelden.
Geen zicht op inkomensverbetering
De intentie van de wetgever is om met deze voorwaarde vast te leggen dat bepaalde groepen met een goed arbeidsmarktperspectief niet in aanmerking komen voor de inkomenstoeslag. Uitgesloten van de inkomenstoeslag zijn personen aan wie in de referteperiode een maatregel is opgelegd wegens een schending van een arbeidsverplichting of een re-integratieverplichting of aan personen die uit 's Rijks kas bekostigd onderwijs volgen. Voor deze twee groepen kan worden vastgesteld dat zij wel zicht hebben of verwijtbaar niet hebben meegewerkt aan het zicht op inkomensverbetering.
Bij de beoordeling van het criterium 'geen uitzicht op inkomensverbetering' moet het college rekening houden met de omstandigheden van de persoon. In artikel 36, tweede lid, van de Participatiewet is bepaald dat tot die omstandigheden in ieder geval worden gerekend:
de krachten en bekwaamheden van de persoon, en
de inspanningen die de persoon heeft verricht om tot inkomensverbetering te komen.
Hoofdstuk 2.
Artikel 2.3
Beoordeling aanvraag
Onderdeel van Beleidsregels bijzondere bijstand 2022, gemeente Koggenland