De inwoner kan in aanmerking komen voor een bijdrage in de kosten van verhuizing, als het normale gebruik van de woning niet meer mogelijk is door een beperking van de inwoner en de inwoner verhuist naar een geschikte woning. De inwoner kan dan een geldbedrag krijgen voor de verhuizing en inrichting van een andere woning. De gemeente stelt jaarlijks de hoogte van dit bedrag vast.
Als verhuizing naar een geschikte woning volgens de gemeente niet mogelijk is of duurder is dan een verbouwing of een hulpmiddel, kan de inwoner in aanmerking komen voor een woningaanpassing. De woning wordt dan voor de inwoner bereikbaar, toegankelijk en bruikbaar gemaakt.
De inwoner kan geen woonvoorziening krijgen in de volgende situaties:
De belemmeringen die de inwoner in de woning ervaart, zijn het gevolg van de materialen die in de woning zijn gebruikt.
De woonvoorziening is bedoeld voor aanpassing van een gemeenschappelijke ruimte in een wooncomplex.
Het gaat om voorzieningen die bij nieuwbouw of renovatie zonder veel meerkosten meegenomen kunnen worden.
De inwoner is verhuisd, zonder dat daar een aanleiding voor was op grond van zijn beperkingen.
De inwoner is verhuisd naar een woning die niet de meest geschikte woning is om de beperkingen die de inwoner ervaart in de woning, te verminderen of weg te nemen, tenzij de gemeente daar toestemming voor heeft gegeven.
De belemmeringen die de inwoner ervaart, zijn niet het gevolg van de bouwkundige of woontechnische staat van de woning. Daaronder valt ook de toegankelijkheid van de woning;
Het zijn vooral anderen die gebruik maken van de voorziening.
De voorziening heeft een therapeutisch doel.
De inwoner heeft zijn hoofdverblijf niet of zal zijn hoofdverblijf niet hebben in de woning waarvoor de woonvoorziening wordt gevraagd.
De inwoner heeft een indicatie voor verhuizing naar een zorginstelling op grond van de Wet langdurige zorg.
Het gaat om vervanging van een voorziening die de gemeente heeft verstrekt, en de normale afschrijvingstermijn is nog niet verstreken. Een vervangende voorziening is wel mogelijk, als:
de eerder afgegeven voorziening verloren is gegaan, zonder dat dit de inwoner te verwijten is, of
de inwoner geheel of gedeeltelijk tegemoetkomt in de veroorzaakte kosten, of
de eerder afgegeven voorziening geen oplossing meer is voor het probleem van de inwoner.
Hoofdstuk 5. › Paragraaf 5.2
Artikel 5.2.1
Geschikte woning (woonvoorziening)
Onderdeel van Verordening Wmo en Jeugdwet gemeente Vaals 2023