Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4 › Paragraaf 4.1

Artikel 4.1.4

Soorten woonvoorzieningen

Onderdeel van Uitvoeringsregels maatschappelijke ondersteuning Heemstede 2023

De volgende woonvoorzieningen kunnen worden verstrekt: een niet bouwkundige of niet woontechnische woonvoorziening; een bouwkundige of woontechnische woonvoorziening; onderhoud, keuring en reparatie van een woonvoorziening; tijdelijke huisvesting; kosten in verband met huurderving; een uitraasruimte. Ad a. een niet bouwkundige of niet woontechnische woonvoorziening; De keuze voor een niet bouwkundige of niet woontechnische woonvoorziening (ook wel een losse woonvoorziening) hangt af van de bouwkundige situatie van de woning en van de ondervonden beperkingen en belemmeringen. Bij het verstrekken van een woonvoorziening gaat men uit van de goedkoopst adequate voorziening. Om die reden zal er eerst gekeken worden of een niet bouwtechnische voorziening passend is in plaats van een bouwtechnische voorziening. Voorbeelden van losse woonvoorzieningen zijn een tillift, badlift, douche/toiletstoel, douchestretcher en een badplank. Ad b. een bouwkundige of woontechnische woonvoorziening; De keuze voor een bouwkundige of woontechnische woonvoorziening (ook wel een nagelvaste of onroerende woonvoorziening) hangt af van de bouwkundige situatie van de woning en van de ondervonden beperkingen en belemmeringen. Bij het verstrekken van een woonvoorziening gaat men uit van de goedkoopst adequate voorziening. Voorbeelden van onroerende woonvoorzieningen zijn een vast douchezitje, verwijderen bad en realisatie douche op afschot, realiseren stroompunt voor een scootmobiel, toegankelijkheid woning/berging door straatwerk. Ad c. onderhoud, keuring en reparatie van een woonvoorziening Voor woonvoorzieningen die in bruikleen zijn verstrekt heeft het college afspraken gemaakt met de betreffende leveranciers. Voor de kosten van onderhoud, keuring en reparatie van een woonvoorziening die in eigendom is verstrekt, kan een pgb worden verstrekt zoals omschreven in het Besluit. Hierbij wordt onderscheid gemaakt tussen pgb op basis van het huurtarief in natura en pgb op basis van een offerte. Pgb op basis van huurtarief in natura: kosten voor onderhoud, keuring en reparatie is opgenomen in het Pgb-budget voor de voorziening (er wordt één pgb toegekend). Pgb op basis van offerte: onderhoud, keuring en reparatie worden op declaratiebasis ingediend. In beide gevallen wordt het pgb verstrekt voor de duur van zes jaar. Wanneer de voorziening na zes jaar niet is afgekeurd, middels een afkeuringsrapport, kunnen de kosten voor onderhoud, keuring en reparatie na afloop van de pgb-termijn gedeclareerd worden bij de Wmo. De kosten van onderhoud, keuring en reparatie van een voorzieningen die vanuit de Wmo verstrekt zijn in algemene ruimten worden betaald vanuit de Wmo. Ad d. tijdelijke huisvesting Voor de kosten in verband met tijdelijke huisvesting kan een voorziening worden verstrekt gelijk aan de werkelijke kosten met een maximum van de grens voor de huurtoeslag. De voorziening kan worden verstrekt voor de woning met de laagste woonlasten en wordt uitsluitend verleend voor de periode dat de aan te passen woonruimte ten gevolge van het realiseren van de woningaanpassing niet kan worden bewoond en de belanghebbende als gevolg daarvan voor dubbele woonlasten komt te staan. Ad e. huurderving Als een verhuurder, op verzoek van de gemeente, een aangepaste woning aanhoudt in afwachting van toewijzing aan een persoon met beperkingen kan een voorziening worden verstrekt voor huurderving. De hoogte van de voorziening bedraagt niet meer dan de kale huur van de woonruimte voor de duur van maximaal 6 maanden. De eerste maand huurderving komt voor rekening van de verhuurder aangezien dit gebruikelijk is. Ad f. uitraasruimte De uitraasruimte is een uitzondering op het beginsel dat woonvoorzieningen uitsluitend worden verstrekt in relatie tot het normale gebruik van de woning. Dit is een verblijfsruimte waarin een persoon, die ten gevolge van een gedragsstoornis ernstig ontremd gedrag vertoont, zich kan afzonderen of tot rust kan komen. Het zal in de regel gaan om een kleine, veilige en prikkelarme ruimte. Op basis van deskundigenadvies zal worden vastgesteld aan welke eisen de uitraasruimte moet voldoen. Waar mogelijk zullen bestaande ruimten worden aangepast. De uitraasruimte is uitdrukkelijk niet bedoeld om overlast voor huisgenoten te beperken.

Rechtspraak bij dit artikel