Naar hoofdinhoud

Artikel 8

Beoordeling van de ingediende plannen van aanpak en profielplannen

Onderdeel van Regeling subsidie ‘Kansen voor Kinderen’ 2023

1.. Om voor subsidie genoemd in artikel 5 lid 1 in aanmerking te komen moet voldaan worden aan onderstaande voorwaarden: a.. Extra: het gaat om extra aanbod dat naast, aansluitend en aanvullend op het reguliere onderwijscurriculum wordt ingezet. Dit extra aanbod mag geen substitutie zijn van het reguliere aanbod. b.. Professionals: de uitvoering van het extra aanbod wordt verzorgd door daarvoor gekwalificeerde professionals. 2.. De Commissie beoordeelt de aanvraag genoemd in artikel 5 lid 1 aan de hand van de volgende criteria: a.. Integraal: er is sprake van aantoonbare integrale samenwerking tussen onderwijs en opvang met betrekking tot de uitwerking van het plan van aanpak of profielplannen waarvoor subsidie wordt aangevraagd. b.. Aansturing: er is sprake van gelijkwaardigheid tussen onderwijs en opvang bij de aansturing van het IKC. c.. Planmatigheid: de visie en analyse op basis van de aandachtspunten uit de duidingsgesprekken dan wel facts, figures en feelings leiden op een logische manier tot respectievelijk de plannen van aanpak of profielplannen/keuze van activiteiten, zoals bedoeld in artikel 4. d.. Intensief: het extra aanbod bestaat uit een programma dat frequent en met aandacht wordt uitgevoerd. Het IKC bereikt zoveel mogelijk alle kinderen. e.. Ouderbetrokkenheid: het IKC draagt zorg voor een sterk systeem van ouders, kinderen en professionals. 3.. Voor de (deel)aanvragen voor NPO-middelen geldt de volgende voorwaarde. Deze aanvragen dienen gericht te zijn op het inhalen van onderwijsvertragingen bij kinderen als gevolg van COVID-19 in te lopen op cognitief, executief, sociaal en emotioneel vlak in aanvulling op de interventies die de betrokken organisaties zelf nemen. Het gaat om de volgende maatregelen: a.. het nemen van (bovenschoolse) maatregelen gericht op het inhalen van onderwijsvertragingen bij kinderen opgelopen door COVID-19; b.. maatregelen om de vertraging die als gevolg van COVID-19 is ontstaan in de voorschoolse periode in te lopen voor kinderen die in aanmerking komen voor voorschoolse educatie; c.. maatregelen gericht op zorg en welzijn in de school of in verlengde leertijd en extra beschikbaarheid van zorg op school om vertragingen op sociaal en emotioneel vlak als gevolg van COVID-19 in te halen; d.. het bevorderen van lokale (en regionale) samenwerking tussen schoolbesturen, samenwerkingsverbanden passend onderwijs, en andere lokale partijen ten behoeve van de aanpak van COVID-19 vertragingen en een integrale ondersteuning van jongeren op sociaal, emotioneel, executief en cognitief vlak; e.. het betrekken van (dreigende) thuiszitters bij de aanpak van het inlopen van vertragingen als gevolg van COVID-19, zowel thuiszitters met (langdurig) relatief verzuim als de groep thuiszitters met absoluut verzuim; f.. kosten voor tijdelijke extra huur van huisvesting indien deze extra huisvesting nodig is voor de uitvoering van maatregelen die scholen of gemeenten in het kader van het Nationaal Programma Onderwijs nemen. 4.. Aan een bijdrage voor peuter-kleutergroepen zijn in verband met het karakter van een pilot de volgende voorwaarden en procedures verbonden: a.. Er wordt voor maximaal 2 jaar een subsidie verleend. Subsidies die hiervoor in het schooljaar 2022-2023 zijn verleend tellen daarbij als jaar 1. b.. De pilot wordt gemonitord via de VVE-kwaliteitscyclus. IKC’s nemen deel aan deze cyclus. c.. IKC’s overleggen bij de aanvraag een beleidskader peuter-kleutergroepen conform het door het college vastgestelde kader en nemen deel aan kennisvergaring en -uitwisseling. d.. IKC’s met een voornemen subsidie voor peuter-kleutergroepen aan te vragen, melden dit voor 21 december 2022 bij het college. Daarna wordt willekeurig bepaald welke IKC’s aan de pilot deel mogen nemen. IKC’s die al aan de pilot meedoen, hebben daarbij voorrang. Aanvragen voor een bijdrage voor peuter-kleutergroepen worden alleen verleend wanneer toegang tot de pilot is verleend. 5.. Indien het in artikel 3 lid 1 genoemde subsidieplafond wordt overschreden, adviseert de commissie aan de hand van de aanvragen en presentaties over de rangorde van de aanvragen. De prioritering bij overschrijding van het subsidieplafond is als volgt: a.. (deel)aanvragen NPO b.. aanvragen plus IKC’s c.. resterende aanvragen op basis van een door de IKC commissie te bepalen score per aanvraag op de hiervoor onder artikel 8 lid 3 sub a tot en met e genoemde onderdeel. Per onderdeel bedraagt de maximale score 5 punten.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel