Naar hoofdinhoud

Artikel 7

Termijnen van betaling

Onderdeel van Verordening op de heffing en invordering van leges Haarlem 2023

1.. In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990 moeten de aanslagen worden betaald binnen twee maanden na de dagtekening van het aanslagbiljet of de schriftelijke kennisgeving; 2.. In afwijking van het eerste lid geldt met betrekking tot de leges als bedoeld in artikel 3.7.6 van de tarieventabel, ingeval het totaalbedrag van de op één aanslagbiljet verenigde aanslagen, of als het aanslagbiljet één aanslag bevat, het bedrag daarvan meer is dan € 100,00 en minder is dan € 5.000,00 en zolang de verschuldigde bedragen door middel van automatische incasso kunnen worden afgeschreven, moeten de aanslagen worden betaald in negen gelijke termijnen. De eerste termijn vervalt op de laatste dag van de tweede maand volgend op die welke in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld en elk van de volgende termijnen steeds één maand later. 3.. De leges moeten worden betaald ingeval de kennisgeving als bedoeld in artikel 6: mondeling wordt gedaan, op het moment van het doen van de kennisgeving schriftelijk wordt gedaan, op het moment van uitreiken van de kennisgeving, dan wel in geval van toezending daarvan, binnen twee maanden na de dagtekening van de kennisgeving. langs elektronische weg in het aanvraagproces wordt gedaan onverwijld, dan wel als die mogelijkheid wordt geboden binnen twee maanden na het indienen van de aanvraag langs elektronische weg; langs elektronische weg na indiening van de aanvraag wordt gedaan, binnen twee maanden na dagtekening van de kennisgeving. 4.. De Algemene Termijnenwet is niet van toepassing op de in de voorgaande leden gestelde termijnen.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel