In deze verordening wordt verstaan onder:
**a..** Wet: Participatiewet
**b..** Belanghebbende: de ouder die ten behoeve van zijn kind of kinderen een vergoeding in het kader van deze verordening vraagt.
**c..** Partner: de persoon die al of niet gehuwd met de belanghebbende een gezamenlijke huishouding voert, tenzij het betreft een bloedverwant in de eerste graad.
**d..** Kind: het eigen kind of stiefkind dat
op het zelfde adres als de belanghebbende staat ingeschreven in de gemeentelijke basisregistratie personen van de gemeente Zwolle; en
ten laste van de belanghebbende of diens partner komt, dat wil zeggen het kind voor wie de belanghebbende of diens partner aanspraak op kinderbijslag kan maken; en.
primair dagonderwijs volgt;
**e..** Jongere: het eigen kind of stiefkind dat
op het zelfde adres als de belanghebbende staat ingeschreven in de gemeentelijke basisregistratie personen van de gemeente Zwolle; en
ten laste van de belanghebbende of diens partner komt, dat wil zeggen het kind voor wie de belanghebbende of diens partner aanspraak op kinderbijslag kan maken; en.
voortgezet dagonderwijs of eerstejaar of tweedejaar middelbaar beroepsdagonderwijs volgt;
**f..** Inkomen: het inkomen van belanghebbende zoals bedoeld in artikel 31, 32 en 33 van de wet verminderd met de ontvangen vakantietoeslag. Tot het inkomen wordt ook gerekend de bijstand voor algemeen noodzakelijke kosten van het bestaan zoals genoemd in artikel 5 onder b van de wet. Bij een gehuwde wordt uitgegaan van de som van het inkomen van belanghebbende en zijn partner.
**g..** Peilmaand: de maand voorafgaand aan de maand waarin het verzoek om een tegemoetkoming is gedaan.
**h..** Norm: bedrag voor de algemeen noodzakelijke kosten van het bestaan, zoals bedoeld in artikel 5 onder b van de wet maar verminderd met de in de wet geldende vakantietoeslag;
**i..** Vermogen: het vermogen van belanghebbende zoals bedoeld in artikel 34 van de wet. Bij een gehuwde wordt uitgegaan van de som van het vermogen van belanghebbende en zijn partner.