Als de cliënt niet of in onvoldoende mate de op hem van toepassing zijnde verplichtingen zoals omschreven in de wet en uit artikel 6 nakomt, kan het college de schuldhulpverlening beëindigen.
Voordat het college de schuldhulpverlening beëindigt, wordt de cliënt een redelijke termijn geboden om alsnog de gevraagde medewerking te verlenen of inlichtingen te verstrekken als bedoeld in artikel 6.
Het college kan tevens een verzoek afwijzen of de schuldhulpverlening beëindigen indien:
het traject van schuldhulpverlening succesvol is afgerond;
de cliënt of verzoeker niet of niet langer tot de doelgroep behoort;
de cliënt of verzoeker in staat is zelf zijn schulden te regelen dan wel in staat is de schulden zelfstandig te beheren;
bij cliënt of verzoeker sprake is van het plegen van fraude die een financiële benadeling van het college tot gevolg heeft en waarbij cliënt of verzoeker onherroepelijk strafrechtelijk is veroordeeld over een bestuurlijke sanctie is opgelegd, voor zover sprake is van opzet of grove schuld;
de cliënt of verzoeker zijn beschikbare aflossingscapaciteit niet wil gebruiken voor de aflossing van schulden;
de geboden ondersteuning, gelet op de persoonlijke omstandigheden van de cliënt, niet of niet langer doelmatig is;
de inkomens-, woon-, of leefsituatie van de cliënt of verzoeker dermate onzeker is, dat de schuldhulpverlening niet of nog niet mogelijk is;
de cliënt of verzoeker naar een andere gemeente verhuist;
de cliënt of verzoeker hier zelf om vraagt;
de cliënt of verzoeker in staat van faillissement verkeert;
er sprake is van onder bewindstelling of onder curatelestelling van de vermogensrechtelijke bestandsdelen van de cliënt of verzoeker;
de cliënt zijn schuldeisers verwijtbaar benadeelt tijdens het traject;
cliënt of verzoeker zich misdraagt ten opzichte van medewerkers schuldhulpverlening;
de cliënt of verzoeker is overleden.
Artikel 7
- Afwijzing en beëindiging schuldhulpverlening en hersteltermijn
Onderdeel van Beleidsregels schuldhulpverlening gemeente Noardeast-Fryslân 2023