Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 1

Artikel 1.

Begripsbepalingen

Onderdeel van Beleidsregel tegemoetkoming maatschappelijke participatie gemeente Halderberge

De begrippen die in deze beleidsregels worden gebruikt en die niet nader worden omschreven, hebben dezelfde betekenis als in de Participatiewet (Pw) en de Algemene wet bestuursrecht (Awb). In deze beleidsregels wordt verstaan onder: a. Beleidsregel: de Beleidsregel tegemoetkoming maatschappelijke participatie gemeente Halderberge; b. het college: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Halderberge; c. inwoner: een ieder die op datum aanvraag in de Basis Registratie Personen (BRP) ingeschreven staat in de gemeente Halderberge en daar ook feitelijk woonachtig is. Onder inwoner wordt mede verstaan het gezin. d. kind: het minderjarige eigen, stief- of pleegkind vanaf 4 jaar; e. inkomen: • bij een vast periodiek maandinkomen: het netto (gezins)inkomen exclusief vakantietoeslag dat is ontvangen in de maand voorafgaand aan de maand waarin de aanvraag is ingediend; • bij maandelijks wisselende inkomsten: het gemiddelde netto (gezins)inkomen exclusief vakantietoeslag dat is ontvangen in de drie maanden voorafgaand aan de maand van aanvraag; De artikelen 31, 32, eerste en tweede lid, 33, vijfde lid, Participatiewet zijn van toepassing. • de inwoner met problematische schulden die:  op basis van een uitspraak van de rechter deelneemt aan de Wet schuldsanering natuurlijke personen (Wsnp), of  deelneemt aan een gemeentelijk traject Minnelijke schuldregeling natuurlijke personen (Msnp), wordt geacht een inkomen op bijstandsniveau te hebben. f. laag inkomen: een (gemiddeld) netto maandinkomen exclusief vakantietoeslag in de maand voorafgaande aan de maand van aanvraag of, bij wisselende inkomsten drie maanden voorafgaand aan de maand van aanvraag, dat niet hoger is dan 130% van de voor de inwoner geldende bijstandsnorm, exclusief vakantietoeslag, waarbij voor de vaststelling van laag inkomen: i. het bepaalde in artikel 22a van de Participatiewet niet van toepassing is op kostendelende medebewoners ii. voor gehuwden of een gezamenlijke huishouding als bedoeld in artikel 3 van de Participatiewet wordt uitgegaan van het gezamenlijk inkomen. g. vermogen: vermogen als bedoeld in artikel 34 van de Participatiewet waarbij het vermogen dat is gebonden aan de door de inwoner zelf bewoonde woning met bijbehorend erf buiten beschouwing wordt gelaten. h. webwinkel: webwinkel Meedoen Werkplein Hart van West-Brabant.

Rechtspraak bij dit artikel