**1..** Het is verboden de bodem te verstoren in, aan, op, onder of bij een archeologisch monument of een gebied waar archeologische vondsten of waarden worden verwacht als in het daar vigerende bestemmingsplan niet is voldaan aan artikel 3.1.6, vijfde lid, van het Besluit ruimtelijke ordening of in het daar vigerende omgevingsplan niet is voldaan aan artikel 5.130 van het Besluit kwaliteit leefomgeving.
**2..** Het verbod in het eerste lid is niet van toepassing indien:
voor de activiteit een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 2.12, eerste of tweede lid, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht of artikel 5.1, eerste lid, onder a, van de Omgevingswet is verleend, of
de activiteit plaatsvindt op basis van een deugdelijke door burgemeester en wethouders goed te keuren gedetailleerde beschrijving van de wijze waarop met de in het gebied aanwezige cultuurhistorische waarden en in de grond aanwezige of te verwachten monumenten rekening wordt gehouden en onevenredige en/of onomkeerbare schade voor archeologische waarden wordt voorkomen, of
met een vooronderzoek is aangetoond dat er geen archeologische waarden aanwezig zijn, of met aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid kunnen worden uitgesloten, of
het de verstoring betreft van een archeologisch monument, waarde of verwachting die is aangegeven op de door burgemeester en wethouders vastgestelde gemeentelijke archeologische beleidsadvies-, waarden- of verwachtingskaart, waarbij de verstoring plaatsvindt in:
in een gebied met een lage archeologische verwachtingswaarde en het te verstoren gebied kleiner is dan 5000 vierkante meter, waarbij rekening wordt gehouden met cumulatieve verstoringen;
in een gebied met een middelhoge archeologische verwachtingswaarde en het te verstoren gebied kleiner is dan 1000 vierkante meter, waarbij rekening wordt gehouden met cumulatieve verstoringen;
in een gebied met een hoge archeologische verwachtingswaarde en het te verstoren gebied kleiner is dan 250 vierkante meter, waarbij rekening wordt gehouden met cumulatieve verstoringen;
in een gebied met een bekende archeologische waarde, geen beschermd archeologisch gemeentelijk- of rijksmonument zijnde en het te verstoren gebied kleiner is dan 100 vierkante meter, waarbij rekening wordt gehouden met cumulatieve verstoringen.
**3..** Burgemeester en wethouders kunnen nadere regels stellen over het verrichten van archeologisch onderzoek.