Naar hoofdinhoud
Een gezin/huishouden met a. een ten laste komend thuiswonend kind in de leeftijd van 2 tot 4 jaar, dat 1. Twee (2) dagdelen de peuteropvang bezoekt én 2. deelneemt aan een programma van Voor- en Vroegschoolse educatie en b. een nettomaandinkomen dat niet meer bedraagt dan 120% van de toepasselijke bijstandsnorm (beiden inclusief vakantietoeslag) als bedoeld in paragraaf 3 van de Participatiewet en c. een vermogen niet hoger dan de voor hen geldende vermogensgrens, zoals bedoeld in artikel 34 lid 2 (onder d) en lid 3 van de Participatiewet. Een nettomaandinkomen boven 120% van de toepasselijke bijstandsnorm (beiden inclusief vakantietoeslag) en/of vermogen boven de geldende vermogensgrens, leidt tot verlies van het recht op aanspraak op de regeling.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel