Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2. › Paragraaf 2.

Artikel 13.

Spreekrecht voor burgers

Onderdeel van Reglement van orde van de raad van Rozendaal houdende bepalingen over de vergaderingen en werkzaamheden van de raad 2023

1.. Bij aanvang van de raadsvergadering kunnen aanwezige burgers gezamenlijk gedurende maximaal dertig minuten het woord voeren over niet geagendeerde onderwerpen. 2.. Het woord kan niet gevoerd worden: over benoemingen, keuzen, voordrachten of aanbevelingen van personen; over een besluit van het gemeentebestuur waartegen bezwaar of beroep op de rechter open staat of heeft opengestaan; indien een klacht op grond van artikel 9:1 van de Algemene wet bestuursrecht kan of kon worden ingediend. 3.. De leden van de raad kunnen slechts het woord voeren over niet op de agenda vermelde onderwerpen. 4.. Degenen die van het spreekrecht gebruik willen maken, melden dit uiterlijk vóór 12 uur op de dag van de vergadering aan de griffier. Zij vermelden daarbij naam en adres en het onderwerp waarover zij het woord willen voeren. 5.. De voorzitter geeft het woord op volgorde van aanmelding. De voorzitter kan van de volgorde afwijken, indien dit in het belang is van de orde van de vergadering. 6.. Elke spreker krijgt maximaal vijf minuten het woord. 7.. Indien zich meer dan 6 sprekers hebben aangemeld wordt de totaal beschikbare spreektijd evenredig over hen verdeeld. 8.. De voorzitter kan in bijzondere gevallen afwijken van de maximale lengte van de spreektijd.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel