Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 2 › Paragraaf

Artikel 2.5

Het plaatsen van voorwerpen op, aan of boven de weg in strijd met de publieke functie ervan

Onderdeel van Verordening van de gemeenteraad van de gemeente Voerendaal houdende gemeentelijke regelgeving op het gebied van openbare orde en veiligheid (Algemene plaatselijke verordening 2023)

1.. Het is verboden op, aan of boven de weg of een weggedeelte voorwerpen te plaatsen of te hangen in strijd met de publieke functie daarvan, als het (beoogde) gebruik: schade toebrengt of kan toebrengen aan de weg, de bruikbaarheid van de weg belemmert of kan belemmeren, dan wel een belemmering vormt of kan vormen voor het doelmatig beheer en onderhoud van de weg; of hetzij op zichzelf, hetzij in verband met de omgeving, niet voldoet aan redelijke eisen van welstand. 2.. Van een belemmering voor de bruikbaarheid van de weg is in ieder geval sprake wanneer niet ten minste een vrije doorgang van 1,5 meter wordt gelaten op voetpaden en van 3,5 m op de rijbaan voor fietsers of gemotoriseerd verkeer. 3.. Het college kan in het belang van de openbare orde of de woon- en leefomgeving nadere regels stellen voor terrassen, uitstallingen, tijdelijke reclame-uitingen, containers en steigers. 4.. Het bevoegd bestuursorgaan kan ontheffing verlenen van het verbod. 5.. De ontheffing wordt verleend als omgevingsvergunning door het bevoegd gezag als het in het eerste lid bedoelde gebruik een activiteit betreft als bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, onder j of k van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht. 6.. Het verbod is niet van toepassing op: evenementen als bedoeld in artikel 2.14; standplaatsen als bedoeld in artikel 5.15; overige gevallen waarin krachtens een wettelijke regeling een vergunning voor het gebruik van de weg is verleend. 7.. Het verbod is voorts niet van toepassing op situaties waarin wordt voorzien door de Wet beheer rijkswaterstaatswerken, artikel 5 van de Wegenverkeerswet of de provinciale Omgevingsverordening Limburg. 8.. Op de aanvraag om een ontheffing bedoeld in het vierde lid is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) niet van toepassing.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel