Naar hoofdinhoud
1.. De verlaging, bij gedragingen als bedoeld in de artikelen 7 en 8, wordt vastgesteld op: 15% van de bijstandsnorm gedurende één maand bij gedragingen van de eerste categorie; 30% van de bijstandsnorm gedurende één maand bij gedragingen van de tweede categorie; 50% van de bijstandsnorm gedurende één maand bij gedragingen van de derde categorie; 100% van de bijstandsnorm gedurende één maand bij gedragingen van de vierde categorie. 2.. Het college kan volstaan met een schriftelijke waarschuwing indien: De gedraging meer dan één jaar voor constatering van die gedraging door het college heeft plaatsgevonden; Het een eerste verwijtbare gedraging betreft.

Rechtspraak bij dit artikel