Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 6

Artikel 20

Begeleiding is onmogelijk of begeleiding leidt tot ernstige benadeling

Onderdeel van Beleidsregel bekostiging leerlingenvervoer gemeente Utrecht

1.. In de verordening is opgenomen dat de leerling in aanmerking komt voor aangepast vervoer indien er sprake is van een ernstige benadeling van het gezin en een andere oplossing niet mogelijk is. De ouder dient in een dergelijk geval dit ten behoeve van burgemeester en wethouders genoegzaam aan te tonen om de individuele situatie te kunnen beoordelen. 2.. Voor aanvragen voor aangepast vervoer op deze grond worden de volgende uitgangspunten gehanteerd. Er kan sprake zijn van ernstige benadeling van het gezin als: een gehandicapte leerling aangewezen is op passend onderwijs op een specifieke schoollocatie; de reisafstand van de woning naar deze schoollocatie tenminste twee kilometer bedraagt; de leerling niet in staat is om zelfstandig te reizen (dit is opgenomen schoolverklaring of in het ontwikkelingsperspectief plan van de leerling), en; de ouders aannemelijk hebben gemaakt dat zij niet in staat zijn de begeleiding van de leerling naar school te (laten) verzorgen. 3.. Een ouder is niet in staat om de leerling naar de specifieke schoollocatie te begeleiden als: in het gezin meerdere kinderen naar verschillende schoollocaties gaan die niet in staat zijn zelfstandig naar school te reizen, mits de ouders aannemelijk hebben gemaakt dat zij niet in staat zijn deze kinderen naar de verschillende scholen te begeleiden en dat géén beroep kan worden gedaan op een ander om de begeleiding van de verschillende kinderen op zich te nemen; de overige kinderen in het gezin niet zelfstandig naar school kunnen reizen als: zij door een handicap niet of niet zonder begeleiding van het openbaar vervoer gebruik kunnen maken, of de school tenminste 6 kilometer weg ligt en zij jonger zijn dan 9 jaar; er tenminste twee andere kinderen in het gezin zijn die jonger zijn dan vier jaar, en de ouders aannemelijk hebben gemaakt er niet in te slagen de verzorging van deze kinderen gedurende het naar/van school brengen te regelen; de begeleidende ouder de moeder is en zij binnen een maand zal bevallen van een kind of korter dan drie maanden geleden is bevallen; er een medische reden is, vast te stellen door een door burgemeester en wethouders aan te wijzen deskundige, of; de ouder een arbeidsovereenkomst heeft welke in redelijkheid geen mogelijkheid biedt om in de werktijden rekening te houden met de schooltijden van de leerling. Een werkverklaring dient de werktijden te vermelden en aan te geven of het gezien de aard van het werk mogelijk is rekening te houden met de schooltijden.

Rechtspraak bij dit artikel