Naar hoofdinhoud

Artikel 11

Termijnen van betaling

Onderdeel van Verordening havengeld 2023

In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de invorderingswet 1990 moet het havengeld worden betaald ingeval wordt geheven bij: aanslag: terstond na het uitreiken van de aanslag, dan wel in geval van toezending daarvan, binnen één maand na dagtekening van de aanslag; mondelinge kennisgeving en de belastingplichtige niet aanstonds een schriftelijke kennisgeving verlangt: terstond na het doen van de kennisgeving; schriftelijke kennisgeving: terstond na het uitreiken van de kennisgeving, dan wel in geval van toezending daarvan, binnen één maand na de dagtekening van de kennisgeving. In afwijking van het eerste lid geldt : zolang de verschuldigde bedragen door middel van automatische betalingsincasso kunnen worden afgeschreven, dat de aanslagen moeten worden betaald in acht gelijke termijnen. De eerste termijn vervalt één maand na dagtekening van het aanslagbiljet en elk van de volgende termijnen telkens een maand later. in afwijking van lid 2 sub a van dit artikel moet in geval het totale aanslagbedrag, van op één aanslagbiljet verenigde aanslagen of als het aanslagbiljet maar één aanslag bevat, kleiner is dan € 25,00 of meer bedraagt dan € 3.000,00 de aanslag worden betaald conform lid 1 van dit artikel. De Algemene Termijnenwet is niet van toepassing op de in het eerste lid gestelde termijnen.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel