**1..** Het recht als bedoeld in artikel 3, eerste lid, onderdeel a, (eigenarendeel) bedraagt per eigendom: € 103,80
**2..** Het recht als bedoeld in artikel 3, eerste lid, onderdeel b, (gebruikersdeel) bedraagt voor woningen:
a. voor een éénpersoonshuishouden
€ 61,95
b. voor een tweepersoonshuishouden
€ 122,25
c. voor een drie- of meerpersoonshuishouden
€ 183,60
d. voor recreatiewoningen
€ 68,15
**3..** Het recht als bedoeld in artikel 3, eerste lid, onderdeel b, (gebruikersdeel) bedraagt voor niet-woningen:
per volle eenheid kubieke meter afvalwater:
a.
€ 0,00 per eenheid van 0 tot en met 200 m³;
b.
€ 1,16 per eenheid van 201 m³ tot en met 1.000 m³;
c.
€ 0,97 per eenheid van 1.001 m³ tot en met 2.000 m³;
d.
€ 0,68 per eenheid van 2.001 m³ tot en met 5.000 m³;
e.
€ 0,42 per eenheid van 5.001 m³ tot en met 10.000 m³;
f.
€ 0,23 per eenheid van 10.001 m³ tot en met 50.000 m³;
g.
€ 0,11 per eenheid boven de 50.000 m³.
De verschuldigde belasting als bedoeld in het tweede en derde lid wordt op een veelvoud van € 0,05 naar beneden afgerond.
Artikel 6
Belastingtarieven
Onderdeel van Verordening op de heffing en de invordering van rioolheffing 2023