Naar hoofdinhoud
1. De rechten worden geheven bij wege van aanslag, met dien verstande dat per belastbaar feit een afzonderlijke aanslag kan worden opgelegd. 2. In afwijking van het eerste lid geldt, dat de belasting bedoeld in hoofdstuk 3 van de bij deze verordening behorende tarieventabel kan worden geheven door middel van een mondelinge dan wel een gedagtekende schriftelijke kennisgeving, waaronder mede wordt begrepen een stempelafdruk, zegel, nota of andere schriftuur. Artikel 7Ontstaan van de belastingschuld De rechten zijn verschuldigd bij de aanvang van de dienstverlening of bij de aanvang van het gebruik van de bezittingen, werken of inrichtingen. Artikel 8Termijnen van betaling 1. In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990 moeten de aanslagen worden betaald uiterlijk op de laatste dag van de maand volgend op de maand die in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld. 2. In afwijking in zoverre van het eerste lid geldt, in geval het totaalbedrag van de op een aanslagbiljet verenigde aanslagen, of als het aanslagbiljet maar één aanslag bevat het bedrag daarvan, meer is dan € 50,- en zolang de verschuldigde bedragen door middel van automatische betalingsincasso kunnen worden afgeschreven, dat de aanslagen worden betaald in twee gelijke termijnen. De eerste termijn vervalt op de laatste dag volgend op de maand die in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld en de volgende een maand later. 3. In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet moeten de reinigingsrechten worden betaald ingeval de kennisgeving als bedoeld in artikel 6, tweede lid: a. mondeling wordt gedaan, op het moment van het doen van de kennisgeving; b. schriftelijk wordt gedaan, op het moment van het uitreiken van de kennisgeving, dan wel ingeval van toezending daarvan, binnen 14 dagen na de dagtekening van de kennisgeving. 4. De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in de voorgaande leden gestelde termijnen. 5. Belastingbedragen van minder dan € 10,00 per aanslag worden niet geheven. Artikel 9Overgangsrecht De ‘Verordening reinigingsrechten 2022’ van 7 december 2021, wordt ingetrokken met ingang van de in artikel 10, tweede lid, genoemde datum van ingang van de heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan. Artikel 10Inwerkingtreding 1. Deze verordening treedt in werking met ingang van de tweede dag na die van bekendmaking. 2. De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2023.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel