Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3.

Artikel 9.

Wonen en verblijf (uitwerking artikel 4, lid 1, onder d verordening)

Onderdeel van Beleidsregels jeugdhulp Twenterand 2023

1.. Wonen en verblijf betreft (tijdelijke) vervanging van de thuissituatie. Het college zet wonen en verblijf in als het (tijdelijk) niet mogelijk is om thuis te zijn. Afhankelijk van de mogelijkheden en behoeften van de jeugdige zet het college een van onderstaande modules in. 2.. De module wonen en verblijf bestaat uit vijf onderdelen, ook wel dakjes genoemd. Een dakje bestaat minstens uit de volgende elementen: accommodatie; eten en drinken; hotelmatige aspecten (zoals schoonmaak, keuken, portier, gastvrouw, slaapdienst, bewaking en nachtwacht); Leefklimaat (dagelijkse/nachtelijke zorg ter vervanging van de zorg in de eigen natuurlijke omgeving zoals bijvoorbeeld het gezin). De vijf verschillende dakjes worden hieronder uitgewerkt. 3.. Dakje 0-A: Pleegzorg is het (tijdelijk) opvoeden en verzorgen van een jeugdige uit een ander gezin. Pleegouders bieden kinderen een thuis, waar ze kunnen rekenen op veiligheid, stabiliteit en een positief opvoedklimaat. Het college onderscheidt netwerkpleegzorg en bestandspleegzorg. Bij netwerkpleegzorg zijn de pleegouders geworven uit het netwerk van de jeugdige en zijn systeem. Bij bestandspleegzorg komen de pleegouders uit het bestand van de aanbieder van pleegzorg. Pleegzorg kan zowel in fulltime variant als deeltijdvariant toegepast worden. 4.. Dakje 0-B: Gezinshuis is een vorm van kleinschalige jeugdhulp waarin gezinshuisouders op een professionele wijze vormgeven aan verzorging, opvoeding en begeleiding van een aantal jeugdigen die geplaatst worden in hun eigen gezin. Tenminste één van de gezinshuisouders is een jeugdzorgprofessional die SKJ-geregistreerd is en het gezinshuis moet voldoen aan de landelijk kwaliteitscriteria gezinshuizen 2019. Het college zet een gezinshuis in als de jeugdige vanwege de gezins- en/of kindproblematiek een specifieke benadering vraagt bij opgroeien en ontwikkelen. De gezinshuisouders werken samen met ouders en jeugdige aan een gezonde ontwikkeling van het kind, op basis van een zorgplan. De jeugdige blijft zo mogelijk contact onderhouden met het eigen gezin. Per gezinshuis worden doorgaans 4 jeugdigen gelijktijdig opgevangen. Dit is in lijn met de reeds vastgestelde landelijk kwaliteitscriteria gezinshuizen 2019. Bij een lagere zorgzwaarte kunnen gezinshuizen doorgaans 6 geplaatste kinderen aan. Wanneer ook eigen kinderen in huis wonen is het totale aantal kinderen doorgaans niet groter dan 8. Per jeugdige wordt er gebruik gemaakt van een gedragswetenschapper voor gemiddeld 36 uur per jaar. 5.. Dakje 1: Een woon- en verblijfplaats waarbij ondersteuning is door professionals voor het leefklimaat. Het gaat om vervanging van de thuissituatie in een professionele 24 uurssetting. Er is een professional aanwezig op de momenten dat de persoon dit nodig heeft en op de momenten dat er wordt gealarmeerd. De mate waarin dit noodzakelijk is, is leeftijd- en persoonsafhankelijk. De jeugdige functioneert sociaal redelijk zelfstandig. Voor zijn sociale redzaamheid is beperkte begeleiding nodig. Dit betreft met name toezicht en stimulatie bij het aangaan van sociale relaties en contacten en deelname aan het maatschappelijk leven. De jeugdige heeft ten aanzien van de psychosociale/cognitieve functies af en toe hulp, toezicht of sturing nodig. Bij algemeen dagelijkse levensverrichtingen (ADL) functioneert de jeugdige leeftijdsadequaat. Er is meestal geen of in beperkte mate sprake van gedragsproblematiek of psychiatrische problematiek, of deze problematiek is beheersbaar. Er is gemiddeld 1 begeleider aanwezig bij 6 cliënten. 6.. Dakje 2: Er is sprake van verblijf ondersteund door professionals voor het leefklimaat. Het gaat om vervanging van de thuissituatie in een professionele 24 uurssetting. Er is sprake van 24-uurs actief toezicht. De jeugdige vertoont onvoorspelbaar gedrag. Er is een (pedagogisch) gekwalificeerde slaapdienst aanwezig. Er is sprake van gedragsproblematiek en de problematiek kan zowel van psychische als psychiatrische aard zijn. Op het gebied van sociale redzaamheid heeft de jeugdige vaak hulp en soms overname nodig, zij kunnen taken vaak niet zelf uitvoeren. Het gaat dan met name om het uitvoeren van complexere taken, het regelen van de dagelijkse routine en taken die besluitvaardigheid- en oplossingsvaardigheden vereisen. Ten aanzien van het psychosociaal/cognitief functioneren heeft de jeugdige af en toe tot vaak hulp, toezicht of sturing nodig. Op het gebied van de ADL functioneert de jeugdige leeftijdsadequaat. Maar er is wel regelmatig behoefte aan toezicht en stimulatie, met name bij de kleine verzorgingstaken, de persoonlijke zorg voor tanden, haren, nagels, huid en bij het wassen, eten en drinken. Ten aanzien van mobiliteit is er doorgaans geen sprake van beperkingen. Vanwege de complexiteit van de problematiek en het feit dat de jeugdige niet thuis kan wonen, heeft de jeugdige specifieke zorg nodig. Wanneer nodig is er 24 uur per dag op afroep een behandelaar beschikbaar. De huisvesting is passend bij het gedrag van de jeugdige, dit betekent dat het een veilige omgeving is voor de jeugdige en bestand is tegen mogelijk geweld. Toezicht op de jeugdige is op een fysiek goede manier geregeld. Hiermee bedoelen we dat de locatie zo is gebouwd/ vormgegeven dat er goed toezicht gehouden kan worden, met als doel de veiligheid te bewaken. Denk bijvoorbeeld aan voldoende ramen/vensters vanaf de hal etc. zodat zichtbaar is wat er gebeurt. Er is gemiddeld 1 begeleider aanwezig bij 6 jeugdigen. Er is altijd sprake van een combinatie met een ondersteuningsbehoefte omdat de ondersteuning die de inwoner nodig heeft de gebruikelijke ondersteuning overstijgt. 7.. Dakje 3: Er is sprake van vervanging van de thuissituatie in een professionele 24 uurssetting. In deze setting kan ook direct ingespeeld worden op onvoorspelbaar gedrag. De jeugdige vertoont onvoorspelbaar gedrag en is sprake van ernstige gedragsproblematiek. De problematiek kan zowel van psychische als psychiatrische aard zijn. De jeugdige heeft continu sturing, regulering, behandeling, ondersteuning en toezicht nodig. Er is met name sprake van verbaal agressief gedrag, manipulatief gedrag, ongecontroleerd, ontremd gedrag, reactief gedrag met betrekking tot interactie, zelfverwondend of zelfbeschadigend gedrag, angsten en/of psychosomatiek. Ook ten aanzien van het psychosociaal/cognitief functioneren hebben de jeugdigen vaak hulp, toezicht of sturing nodig. Op het gebied van sociale redzaamheid hebben de jeugdigen veel hulp nodig. Zij kunnen taken vaak met veel moeite zelf uitvoeren en hebben daarbij veel hulp of zelfs overname nodig. Het gaat dan met name om het uitvoeren van complexere taken, het regelen van de dagelijkse routine en taken die besluitvaardigheid- en oplossingsvaardigheden vereisen. Ten aanzien van het psychosociaal/cognitief functioneren hebben jeugdigen af en toe tot vaak hulp, toezicht of sturing nodig. Er is wel regelmatig behoefte aan toezicht en stimulatie, met name bij de kleine verzorgingstaken, de persoonlijke zorg voor tanden, haren, nagels, huid en bij het wassen, eten en drinken. Met betrekking tot ADL kan er uitgebreide behoefte aan hulp zijn, onder andere bij het eten en drinken, bij het zich wassen en kleden en de toiletgang. Bij deze jeugdige kan sprake zijn van verpleegkundig handelen als gevolg van fysieke gezondheidsproblemen. Ten aanzien van mobiliteit is er doorgaans geen sprake van beperkingen. Dakje 3 bestaat uit een veilige omgeving. Naast bewaking is een (pedagogisch) gekwalificeerde (slaap)dienst in de directe omgeving beschikbaar. Op afroep is 24 uur per dag een behandelaar beschikbaar. Er is een adequaat alarmeringssysteem en directe back-up van collega's aanwezig. De jeugdige heeft behoefte aan 24x7 toezicht. Vanwege de complexiteit van de problematiek en het feit dat de jeugdigen vaak geen thuis hebben om op korte termijn naar terug te keren, hebben de kinderen en jongeren specifieke zorg nodig. Voor Dakje 3 is er sprake van gemiddeld 1 begeleider op 4 jeugdigen. Dit dakje kan aanvullend ingezet worden wanneer er naast een ondersteuningsbehoefte ook behoefte is aan Wonen en Verblijf.

Rechtspraak bij dit artikel