**1..** Als een cliënt in aanmerking komt voor een maatwerkvoorziening en de ondersteuning zelf wenst in te kopen door middel van een Pgb, toetst het college of voldaan wordt aan de in artikel 2.3.6. lid 2 van de wet opgenomen voorwaarden. De cliënt dient daarvoor een budgetplan in.
**2..** In het budgetplan motiveert de cliënt in elk geval:
waarom hij de maatwerkvoorziening als Pgb geleverd wenst te krijgen;
dat de verstrekking van een Pgb aantoonbaar leidt tot betere, effectievere en doelmatigere ondersteuning;
de beoogde doelen en resultaten van de in te zetten voorziening, en
de wijze waarop de resultaten bereikt worden, en
de kosten van de voorziening, uitgedrukt in aantal eenheden en tarief.
**4..** De cliënt moet, indien van toepassing, het Pgb binnen 3 maanden gebruiken voor het resultaat waarvoor het is verstrekt.
**5..** Het college beoordeelt –al dan niet door middel van steekproeven- de voortgang, kwaliteit en recht- en doelmatigheid van de maatwerkvoorzieningen en Pgb's . Hiertoe levert de hulpverlener een verslag in van de activiteiten waarop beoordeeld kan worden of de zorg beantwoordt aan de beoogde resultaten en bijdraagt aan de participatie en zelfredzaamheid.
**6..** Bij overbelasting van een hulpverlener, dient die overbelasting te worden opgeheven door de individuele voorziening door andere hulpverleners uit te laten voeren dan wel in te kopen.
**7..** De met een Pgb ingekochte en door het college toegekende uren, dagdelen of etmalen kunnen flexibel ingezet worden, in een afgebakende periode van vier weken.
Hoofdstuk 4.
Artikel 16.