Naar hoofdinhoud
1.. Als een maatwerkvoorziening noodzakelijk is, verstrekt het college de goedkoopst adequate voorziening. 2.. De maatwerkvoorziening wordt slechts verstrekt indien deze gezien de beperkingen van de cliënt, veilig voor hemzelf en zijn omgeving is, geen gezondheidsrisico’s met zich meebrengt en niet anti-revaliderend werkt. 3.. Een autoaanpassing wordt vergoed wanneer een cliënt is aangewezen op een eigen auto om verplaatsingen mogelijk te maken in de leefomgeving. 4.. Als een maatwerkvoorziening noodzakelijk is ter vervanging van een eerder door het college verstrekte voorziening, wordt deze slechts verstrekt als de eerder verstrekte voorziening technisch is afgeschreven; tenzij de eerder verstrekte voorziening verloren is gegaan als gevolg van omstandigheden die niet aan de cliënt zijn toe te rekenen; tenzij de cliënt geheel of gedeeltelijk tegemoet komt in de veroorzaakte kosten, of als de eerder verstrekte voorziening niet langer een oplossing biedt voor de behoefte van de cliënt aan maatschappelijke ondersteuning. 5.. Reparatiekosten, kosten van onderhoud en keuring van een verstrekte voorziening worden verstrekt wanneer die worden uitgevoerd door een door de gemeente goedgekeurde reparateur; 6.. Bij de te verstrekken vervoersvoorziening wordt alleen rekening gehouden met de verplaatsingen in de directe woon- en leefomgeving middels Wmo-taxivervoer met een maximum van 180 ritten op jaarbasis en maximum 90 ritten wanneer daarnaast een andere maatwerkvoorziening voor vervoer is toegekend.

Rechtspraak bij dit artikel