Het onderzoek naar de behoefte aan maatschappelijke ondersteuning vindt plaats in samenspraak met de cliënt, diens vertegenwoordiger en waar mogelijk de mantelzorger, overeenkomstig de volgende stappen:
Stap 1: Na de melding dient eerst de precieze hulpvraag te worden geduid.
Stap 2: Er wordt bepaald wat de beperkingen in de zelfredzaamheid en maatschappelijke participatie zijn.
Stap 3: De aard en omvang van de door het college te organiseren noodzakelijke maatschappelijke ondersteuning wordt in kaart gebracht.
Stap 4: De mogelijkheid om met behulp van eigen kracht, gebruikelijke hulp, mantelzorg, hulp uit het sociale netwerk of een algemene voorzieningen de beperkingen in zelfredzaamheid of participatie te voorzien in een oplossing wordt onderzocht. Voor zover in het individuele geval noodzakelijk geacht, wordt specifieke deskundigheid ingeschakeld.
Stap 5: Vervolgens dient geconcludeerd te worden of er door het college nog een deel van de hulpvraag gecompenseerd moet worden.
Stap 6: De uitkomsten van het onderzoek worden vastgelegd in een verslag en vervolgens verstrekt aan de cliënt.
Hoofdstuk 2:
Artikel 4.