Naar hoofdinhoud

Artikel 7

Berekening van de hoogte van de subsidie bij voorschot

Onderdeel van Nadere regels Noodfonds energiearmoede Hillegom

a.. Elke organisatie die voor een subsidie bij voorschot uit het noodfonds energiearmoede Hillegom in aanmerking komt, ontvangt een voorschot dat is gebaseerd op een berekening met de volgende parameters: Het gemiddelde jaarverbruik van gas in m3 van aanvrager in de 36 maanden voorafgaand aan de periode van subsidieaanvraag; Het gemiddelde jaarverbruik van elektriciteit in kWh van aanvrager, met aftrek van de eventueel terug geleverde stroom, in de 36 maanden voorafgaand aan de periode van subsidieaanvraag; De gemiddelde energielasten van aanvrager, gekoppeld aan het verbruik per eenheid, in de 36 maanden voorafgaand aan de periode van de subsidieaanvraag; Het termijnbedrag voor gas en elektriciteit dat aanvrager op het moment van de aanvraag periodiek aan de energieleverancier dient te voldoen; Het door aanvrager periodiek terug te ontvangen bedrag door terug geleverde stroom, voor zover dit niet in het termijnbedrag is verwerkt. b.. De hoogte van het voorschot wordt als volgt berekend: een compensatie van 50% van de prijsstijging van de energielasten over een periode van 12 maanden, gerekend vanaf de periode genoemd in de jaarafrekening die aanvrager in 2022 van de energiemaatschappij heeft ontvangen. Dit bedrag wordt vergeleken met de gemiddelde jaarlijkse energielasten over de 36 maanden voorafgaand aan die periode. De stijging van de gemiddelde jaarlijkse energielasten wordt voor 50% gecompenseerd. c.. Voor de definitieve berekening wordt gebruik gemaakt van de jaarafrekening die aanvrager in 2023 van de energiemaatschappij ontvangt. De termijn van 12 maanden waarover subsidie wordt ontvangen is gelijk aan de periode genoemd in de jaarafrekening die aanvrager in 2023 ontvangt van de energiemaatschappij. d.. Voor de definitieve berekening van de subsidie wordt berekend wat de totale stijging is van de energielasten ten opzichte van het gemiddelde jaarverbruik van aanvrager en deze stijging wordt voor 50% vergoed. Aanvrager ontvangt 50% van de prijsstijging ten opzichte van het jaarlijks gemiddelde, ook wanneer aanvrager minder eenheden heeft verbruikt dan dit jaarlijks gemiddelde.

Rechtspraak bij dit artikel