Het college kan geheel of gedeeltelijk uitstel van betaling verlenen als haar ambtshalve dan wel op basis van een gemotiveerd verzoek van de belanghebbende duidelijk is dat hij geen mogelijkheid heeft om binnen de gestelde betalingstermijn tot algehele aflossing van de vordering over te gaan.
Voor zover de belanghebbende beschikt over aflossingscapaciteit wordt, in samenspraak met belanghebbende, bekeken in hoeverre belanghebbende de openstaande schuld kan aflossen.
Bij het verlenen van (verder) uitstel wordt, in samenspraak met belanghebbende, bekeken in hoeverre belanghebbende die over vermogen beschikt of komt te beschikken dit vermogen kan aanwenden ter aflossing van de fraudevordering indien het een fraudevordering betreft.
Bij de beoordeling of de belanghebbende over vermogen als bedoeld in het derde lid beschikt worden de vorderingen die het gevolg zijn van teveel ontvangen uitkering buiten beschouwing gelaten, en is het bepaalde in artikel 34, tweede lid onder a en d van de Participatiewet van overeenkomstige toepassing.
Het uitstel wordt ingetrokken als de belanghebbende de nader overeengekomen aflossing niet nakomt.
Voor de periode dat uitstel is verleend wordt geen wettelijke rente in rekening gebracht.
Hoofdstuk 9. › Paragraaf 3.
Artikel 9.12.
Uitstel van betaling
Onderdeel van Beleidsregels rechtmatigheid Participatiewet, IOAW en IOAZ 2025 gemeente Dantumadiel