**1..** Een aanvraag voor vervoersvoorziening wordt in ieder geval afgewezen, als:
er naar het oordeel van burgemeester en wethouders geen noodzaak is voor het toekennen van een vervoersvoorziening;
de vervoersvoorziening niet is aangevraagd voor het vervoer van de woning naar de dichtstbijzijnde toegankelijke school;
de ouder naar het oordeel van burgemeester en wethouders redelijkerwijs in staat is om het vervoer van en/of naar school zelf te verzorgen, gelet op de eigen verantwoordelijkheid als bedoeld in artikel 7;
niet is voldaan aan de afstandsgrens bedoeld in artikel 9;
de leerling of ouder geen gebruik wil maken van de aangewezen opstapplaats;
niet is voldaan aan de eerder opgelegde nadere voorwaarden als bedoeld in artikel 6, tweede lid.
**2..** In afwijking van het eerste lid, onder c, van dit artikel en artikel 7 is de ouder niet in staat om het vervoer van de leerling van en naar school redelijkerwijs te verzorgen als de ouder een fysieke of mentale handicap heeft die het verzorgen van het vervoer van de leerlingen van en naar school onmogelijk maakt. In dat geval kan een vervoersvoorziening worden toegekend. De ouder dient de handicap door middel van een verklaring van een arts aan te tonen.
**3..** Een aanvraag voor bekostiging van leerlingenvervoer kan tevens worden geweigerd als niet wordt voldaan aan de inlichtingen- of medewerkingsplicht als bedoeld in artikel 18.
Artikel 19.
Afwijzingsgronden
Onderdeel van Verordening tegemoetkoming bekostiging leerlingenvervoer Breda 2023