Voor ‘het gesprek’, waarvoor in de praktijk ook meerdere gesprekken nodig kunnen zijn, ligt het accent op zorgvuldigheid en transparantie. Het gesprek heeft als doel:
Het helder maken wat de ervaren beperkingen zijn en welke keuzes al zijn gemaakt aan de hand van de onderwerpen die in het gesprek en onderzoeksverslag aan bod moeten komen. Uit het onderzoeksverslag moet duidelijk worden in hoeverre de behoeften en gewenste resultaten beantwoord kunnen worden met eigen kracht, algemeen gebruikelijke voorzieningen, mantelzorg, algemene voorzieningen, en/of voorzieningen uit de Zvw. Vervolgens blijft over op welke punten een maatwerk- of jeugdhulpvoorziening nodig is.
Bij het gesprek volgen de buurtteams de volgende werkwijze:
Als er sprake is van het aflopen van de periode waarvoor zorg is toegekend, dient de cliënt minimaal acht weken voor afloop van de zorgperiode een melding te doen bij het buurtteam.
Het door de cliënt eventueel ingediende persoonlijk plan (voorafgaand aan het onderzoek) maakt deel uit van het gesprek.
Voor het in kaart brengen van behoeften wordt een integrale lijst met alle leefgebieden gebruikt als hulpmiddel en checklist (in de gemeente Nijmegen: Easycarevragenlijst) waaraan acties en de mate van zelfredzaamheid per leefgebied gekoppeld kunnen worden. De vragenlijst wordt in aansluiting op de situatie van de cliënt gebruikt; welke leefgebieden in het gesprek aan bod komen, de volgorde en de toepassing (vragenlijst achteraf invullen of samen doorlopen aan het einde van het gesprek bijvoorbeeld).
Voor het bepalen van de eigen kracht en mogelijke bijdrage van het sociale netwerk (gebruikelijke hulp, mantelzorg en verdere inzet) passen buurtteamleden sociale netwerkstrategieën (Sonestra) toe, waarin buurtteamleden zijn getraind. Bij Sonestra worden mensen met hun netwerk ondersteund om zelf hun oplossingen te bepalen en op te nemen in ‘mijn plan’, waarin aangegeven wordt wie wat doet. De cliënt maakt zijn eigen keuzes, samen met zijn naasten/mensen die hij/zij vertrouwt. De professional ondersteunt in dit proces (de Sonestramethodiek noemt hier de term ‘actieteam’). Samen komt men tot een plan. De professional vraagt naar de feitelijke situatie, wat wensen en ideeën zijn (gewenste situatie), wat goed gaat en werkt, wat niet of onvoldoende werkt, hoe om te gaan met zorgen en vragen, de aanpak en de rol van het gezin/netwerk en professionals. Aan het plan worden vervolgens doelen gekoppeld per (relevant) leefgebied.
Voor de bepaling van de omvang van de professionele ondersteuning (duur, aantal uren/dagdelen, etc.) wordt gekeken naar de activiteiten die in het ondersteuningsplan zijn gekoppeld aan de doelen en wordt ingeschat hoeveel tijd deze activiteit wekelijks of dagelijks zal kosten. Voor ondersteuning in het kader van Hulp bij het Huishouden (HH) wordt eerst bepaald of de cliënt recht heeft op de maatwerkvoorziening HH. Het aantal dagdelen/uren/minuten die de cliënt nodig heeft, wordt door de Wmo-consulent vastgesteld volgens de normering in bijlage 2 met ‘een schoon en leefbaar huis’ als resultaat. Sonestra sluit naadloos aan bij de voorwaarden die zijn opgenomen in de Jeugdwet omtrent het opstellen van een familiegroepsplan. Jeugdhulpaanbieders en gecertificeerde instellingen zijn wettelijk verplicht bij het starten van de hulpverlening de mogelijkheid te bieden om een familiegroepsplan op te stellen.
Cliënten kunnen voor de gesprekken een beroep doen op gratis, professionele, onafhankelijke cliëntondersteuning van MEE Gelderse Poort, De Kentering en Stichting BWN.
Bij dwang- en drangtrajecten die de regieteams inzetten, geldt een andere werkwijze; op basis van de uitkomst van een casusoverleg wordt een begeleidingsplan opgesteld.
Buurtteams, regieteams en het Veiligheidshuis kunnen consultatie & advies inschakelen via door de gemeente gecontracteerde zorgaanbieders of huisartsen.
Voor antwoord op de vraag of reguliere begeleiding of specialistische begeleiding (Wmo en Jeugdhulp) nodig is, zijn nadere criteria (bijlage 8) opgesteld. Daarnaast geldt dat specialistische begeleiding in beginsel maximaal 1 jaar wordt ingezet. In begeleidingsplannen wordt toegewerkt naar beëindiging van de begeleiding of het overzetten naar reguliere begeleiding na 1 jaar. Hiervan kan alleen goed gemotiveerd afgeweken worden.
Hoofdstuk 1
Artikel 1.5
Het gesprek
Onderdeel van Beleidsregels maatschappelijke ondersteuning en jeugdhulp 2023