**1..** Subsidiabele activiteiten
In het kader van het meerjarendoel 2.1.1 uit de Programmabegroting (het Natuurnetwerk Nederland is verder gerealiseerd (groter van oppervlakte) en de bepalingen in hoofdstuk 6 en 8 (Landbouw en Natuur) van de Omgevingsverordening, kan ten behoeve van de realisatie van het NNN subsidie worden verstrekt voor verplaatsing van een volwaardig landbouwbedrijf voorzover dat is gelegen binnen het NNN of in een zoekgebied NNN bestaande uit de Groene contour en de agrarische percelen in het NNN, aangeduid als Zoekgebieden NNN op de webkaart NNN.
**2..** Nadere criteria
De activiteiten, genoemd in het eerste lid, komen uitsluitend voor subsidie in aanmerking indien aan de volgende criteria wordt voldaan:
Indien de subsidieaanvraag afkomstig is van de eigenaar van het te verplaatsen bedrijf, wordt de daarbij behorende grond in eigendom:
vrij van enig gebruiksrecht aan de provincie verkocht;
ingebracht bij de toedeling van gronden vooruitlopend op het plan van toedeling als bedoeld in artikel 51 van de Wet inrichting landelijk gebied; of
met instemming van de provincie Utrecht aangewend voor te realiseren provinciale doelen in het landelijk gebied voor natuur, te weten de realisatie van het Natuurnetwerk Nederland binnen de provincie Utrecht conform het gestelde in artikel 6.2 lid 1 van de Omgevingsverordening.
Indien een subsidieaanvraag niet afkomstig is van de eigenaar van het te verplaatsen bedrijf, gaat de aanvraag, naast de gegevens die op grond van de Asv, moeten worden verstrekt, vergezeld van een ondertekende en gedagtekende verklaring van de eigendomsoverdracht, het vestigen van een kwalitatieve verplichting als bedoeld in lid 6 onder b iii en iv, of dat de grond vrij van enig gebruiksrecht kan worden ingezet voor realisatie van NNN.
In aanvulling op onderdeel a van dit artikellid vindt subsidieverstrekking ten behoeve van de realisatie van het NNN slechts plaats, als de agrarische bestemming geheel vervalt, ook op de bedrijfskavel indien deze niet wordt verkocht.
**3..** Weigeringsgrond
Onverminderd artikel 4.6 van de Asv wordt subsidie geweigerd indien:
op de bedrijfskavel of daarbij behorende grond woningbouw is toegestaan, volgens een geldend bestemmingsplan als bedoeld in artikel 3.1 van de Wet ruimtelijke ordening, of volgens een geldend inpassingsplan als bedoeld in artikel 3.26 van deze wet. Uitzondering hierop is de ruimte-voor-ruimte regeling als bedoeld in artikel 9.11 van de Omgevingsverordening;
aan de aanvrager voor de betreffende bedrijfsgebouwen en gronden een schadeloosstelling is betaald op grond van de Onteigeningswet;
aan de aanvrager voor de betreffende bedrijfsgebouwen en gronden een schadeloosstelling op basis van een contractuele overeenkomst is betaald zonder wettelijke verplichting;
ten tijde van de indiening van de aanvraag de voorlopige koopovereenkomst al is gesloten of de kwalitatieve verplichting al is gevestigd zonder ontbindende of opschortende voorwaarde gerelateerd aan de subsidieverlening op grond van dit artikel.
**4..** Hoogte van de subsidie
De volgende bedrijfsmatige kosten zijn subsidiabel:
de volgende kosten voor voorbereiding: notariskosten, kadastrale kosten, makelaarskosten en kosten voor het opstellen van het financieel plan met een begroting inclusief accountantsverklaringen;
kosten van het demonteren, verhuizen en weer opbouwen van bestaande installaties en faciliteiten;
kosten voor investeringen. Kosten voor investeringen worden berekend als: het verschil tussen de kosten van de koopsom en eventueel (aanvullende) investeringskosten van bedrijfsgebouwen en installaties op de hervestigingslocatie minus de getaxeerde waarde van gebouwen en installaties op de te verlaten locatie. Uitgangspunt hierbij is een gelijke bedrijfsomvang, uitgedrukt in aantal stuks productief vee of bij akkerbouwbedrijven in inhoud opstallen exclusief bedrijfswoning. Wanneer er sprake is van bedrijfsuitbreiding, worden de kosten verbonden aan de uitbreiding buiten de subsidie gehouden. Investeringskosten dienen te worden onderbouwd met offertes.
Het subsidiepercentage bedraagt:
maximaal 100% van de subsidiabele kosten, genoemd onder onderdeel a, sub i. De kosten moeten redelijk zijn.
maximaal 100% van de subsidiabele kosten genoemd onder onderdeel a sub ii, waarbij een maximum geldt van € 10.000,-. De kosten moeten redelijk zijn.
40% van de subsidiabele kosten, genoemd onder a, sub iii.
De totale vergoeding van de subsidiabele kosten mag niet meer bedragen dan:
€ 100.000,- bij het vrijkomen van 1 tot 5 hectares agrarische gebruikte grond binnen het NNN dan wel zoekgebieden NNN;
€ 250.000,- bij het vrijkomen van 5 tot 10 hectares agrarische gebruikte grond binnen het NNN dan wel zoekgebieden NNN;
€ 350.000,- bij het vrijkomen van 10 tot 15 hectares agrarische gebruikte grond binnen het NNN dan wel zoekgebieden NNN;
€ 400.000,- bij het vrijkomen van 15 tot 20 hectares agrarische gebruikte grond binnen het NNN dan wel zoekgebieden NNN;
€ 450.000,- bij het vrijkomen van 20 tot 25 hectares agrarische gebruikte grond binnen het NNN dan wel zoekgebieden NNN;
€ 500.000,- bij het vrijkomen van 25 hectares of meer agrarische gebruikte grond binnen het NNN dan wel zoekgebieden NNN;
De zoekgebieden NNN, zoals bedoeld in dit onderdeel c, bestaan uit de Groene Contour en de agrarische percelen in het NNN, aangegeven als Zoekgebieden NNN op de webkaart NNN provincie Utrecht
In geval de te verlaten bedrijfskavel in (erf)pacht is, wordt, in afwijking van het gestelde onder a, sub iii, voor het berekenen van de kosten voor investeringen, niet de koopsom gehanteerd maar de door een beëdigd taxateur bepaalde agrarische gebruikswaarde in het economisch verkeer.
Er wordt minder subsidie verstrekt in geval andere subsidies of vergoedingen door bestuursorganen van de provincie Utrecht of door andere bestuursorganen zijn of worden verstrekt bij de verplaatsing van het grondgebonden agrarisch bedrijf of de sloop van de zich op de bedrijfskavel bevindende bedrijfswoning, bedrijfsgebouwen of installaties. De andere subsidies of vergoedingen komen in dat geval in mindering op het bedrag dat voortvloeit uit onderdeel c van dit artikellid.
**5..** Subsidieontvangers
Subsidie kan worden verstrekt aan de eigenaar van een landbouwbedrijf en de gebruiksgerechtigde.
**6..** Verplichtingen subsidieontvanger
De subsidieontvanger realiseert de hervestiging van een volwaardig landbouwbedrijf op een andere plaats binnen 24 maanden na de datum van het besluit tot subsidieverlening. De aanvraag tot subsidievaststelling dient uiterlijk 6 maanden na realisatie bij de provincie Utrecht te worden ingediend inclusief benodigde bijlagen.
In aanvulling op het gestelde in het tweede lid, onderdeel a, sub i (iii) sluit een subsidieontvanger die zelf de voormalige bedrijfskavel om wil vormen naar natuur binnen twee weken na verlening van de subsidie een overeenkomst met de provincie Utrecht als bedoeld in artikel 4:36 van de Algemene wet bestuursrecht, waarin wordt opgenomen:
de verplichting tot uitwerking van het definitief inrichtingsplan en de termijn waarbinnen deze uitwerking gereed dient te zijn en de goedkeuring door Gedeputeerde Staten dient te zijn verkregen;
de verplichting tot inrichting van het verworven dan wel pachtvrij gemaakte terrein en de termijn waarbinnen deze inrichting dient plaats te vinden;
de verplichting van de eigenaar van de grond om de betreffende grond niet te gebruiken of te doen gebruiken als landbouwgrond en overigens datgene na te laten wat de ontwikkeling en de daaropvolgende instandhouding van het te realiseren natuurbeheertype dan wel landschapsbeheertype in gevaar brengt of verstoort;
dat de verplichtingen, bedoeld onder iii zullen overgaan op degene die het verworven dan wel pachtvrij gemaakte terrein onder algemene of bijzondere titel zullen verkrijgen en eveneens gelden voor degene die van de rechthebbende een recht op het gebruik van de grond verkrijgen;
dat de verplichtingen, bedoeld onder iii en iv, als kwalitatieve verplichting zullen worden ingeschreven in de notariële registers en de termijn waarbinnen deze inschrijving dient plaats te vinden.
Het definitieve inrichtingsplan als bedoeld in onderdeel b van dit artikellid dient te zijn goedgekeurd door Gedeputeerde Staten en omvat:
een beschrijving van de uitgangssituatie;
een omschrijving van de te treffen inrichtingsmaatregelen;
de oppervlakte waarop de maatregelen zullen worden uitgevoerd;
de motivering voor het treffen van de betreffende maatregelen;
de met de maatregelen beoogde eindsituatie van het terrein, waarbij minimaal het beoogde beheertype en de oppervlakte daarvan wordt aangegeven;
een beschrijving van de in stand te houden, te verbeteren, aan te leggen of te verwijderen wegen en paden;
een tijdplanning waarbinnen de inrichtingsmaatregelen worden gerealiseerd;
een gespecificeerde begroting;
één of meerdere topografische of digitale kaarten met een schaal van ten hoogste 1:10.000, waarop de grenzen van het terrein zijn aangegeven. Digitale gegevens dienen te worden aangeleverd als GIS-bestand in de vorm van een shapefile. Gedeputeerde Staten kunnen nadere technische specificaties vaststellen waaraan deze bestanden moeten voldoen;
een beschrijving van de wijze waarop de aanvrager voornemens is na het treffen van de inrichtingsmaatregelen de (beoogde) beheertypen en habitattypen verder te ontwikkelen en te beheren.
**7..** Europese regelgeving
Als sprake is van staatssteun, wordt subsidie voor agrarische bedrijfsverplaatsingen en investeringen in bedrijfsgebouwen slechts verstrekt met toepassing van Verordening (EU) Nr. 702/2014 waarbij bepaalde categorieën steun in de landbouw- en bosbouwsector en in plattelandsgebieden op grond van de artikelen 107 en 108 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie met de interne markt verenigbaar worden verklaard (PbEU L193/1) met dien verstande dat:
subsidie voor investeringskosten slechts wordt verstrekt met inachtneming van met hoofdstuk I en artikel 14 van Verordening (EU) 702/2014.
subsidie voor verplaatsingskosten slechts wordt verstrekt met inachtneming van hoofdstuk I en artikel 16 van Verordening (EU) 702/2014.
Hoofdstuk 2
Artikel 2.2