Naar hoofdinhoud

Artikel 5

Ontstaan van de belastingschuld en heffing naar tijdsgelang

Onderdeel van Verordening op de heffing en de invordering van parkeerbelastingen gemeente Nijmegen 2023

1.. De belasting bedoeld in artikel 2, onderdeel a, is verschuldigd bij de aanvang van het heffingstijdvak waarover de belasting wordt geheven. 2.. De belasting bedoeld in artikel 2, onderdeel b, is verschuldigd bij de aanvang van het parkeren. 3.. Indien de belastingplicht als bedoeld in artikel 2, onderdeel a, in de loop van een vergunning periode aanvangt, is de belasting verschuldigd voor het resterende gedeelte van de vergunningstermijn van 1 jaar voor de eerste bewonersvergunning en 6 maanden voor de overige parkeervergunningen. 4.. Indien de belastingplicht als bedoeld in artikel 2, onderdeel a in de loop van een vergunning periode eindigt, wordt restitutie verleend voor het resterende gedeelte van de vergunningstermijn van 1 jaar voor de eerste bewonersvergunning en 6 maanden voor de overige parkeervergunningen. 5.. In afwijking van het vorige lid bestaat geen ontheffing van de belastingplicht voor de Hulpverleningsvergunning zoals genoemd in de bij deze verordening behorende tarieventabel in hoofdstuk I.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel