De belanghebbende dient het bedrag ineens en terstond binnen zes weken na dagtekening van het besluit te voldoen.
De belanghebbende kan een verzoek doen om een minnelijke betalingsregeling te treffen, wanneer hij niet kan voldoen aan het onder a. bepaalde.
Indien op enig moment blijkt dat de debiteur beschikt of kan beschikken over een vermogen waaruit de ten onrechte ontvangen uitkering geheel of gedeeltelijk kan worden voldaan, wordt dat vermogen aangewend om de vordering, zoveel als mogelijk, ineens en terstond af te lossen.
Hoofdstuk
Artikel 16.